TravelSource.nl Logo 
HomeDagaanbiedingenAutohuurHotelsKortingsactiesVakantiehuizenVakantieparkenVliegtickets ReisverhalenLandeninformatieHelp
 Afrika Auteur : Josine van der Wal
Azië 
Australië E-mail adres : josinevdwal@hotmail.com
Europa 
Noord Amerika URL Homepage : http://www.reisvirus.nl/
Zuid Amerika   
Wereldreizen Reisverhalen : India       Kenya       Nepal       Peru       Tanzania & Malawi






  Reisverslag : Op safari in Kenya, Josine van der Wal. TravelSource.nl

Op bezoek bij de Maasai

De Maasai
Onze chauffeur is wel erg vrolijk. En ieder half uur moet hij de auto uit om te plassen. Met leeuwen in de buurt! Z’n territorium afbakenen. Ja erg leuk. Waar onze Sammy is weet niemand. Vanmorgen moesten we weer met de andere Planet-groep mee op safari, want ‘onze jeep was nog steeds kapot’. We snappen er helemaal niks meer van als onze eigen jeep met een nieuwe Planet-groep op een gegeven moment naast ons staat bij een aantal leeuwinnen. We beginnen argwaan te krijgen. Er klopt helemaal niets van de verhalen die onze nieuwe chauffeur ophangt. Onze jeep kapot? En waar is Sammy? Onze medereizigster uit Portugal vertelt dat ze vannacht gezien heeft dat de chauffeurs flink aan het zuipen waren. Dat verklaart opeens een heleboel! We besluiten nu van de safari te genieten en daarna eens te gaan praten met Sammy en zijn collega. Voor de derde keer zien we een cheeta met jongen, deze keer bijna op aaiafstand. Dit is schitterend! Ze blijft rustig zitten en stoort zich niet aan onze aanwezigheid. De kleintjes kruipen dicht tegen mama aan. Het vroege ochtendlicht zorgt voor fantastische kleuren. Dit worden wereldfoto’s! Even later staan we pal naast twee mannetjesleeuwen. Ook zij slapen rustig verder. We zien nog veel meer leeuwen deze ochtend. Bijna tot vervelends toe! De talloze kuddes gnoes, zebra’s en buffels blijven schitterend om te zien.

Terug bij de campsite is Sammy inmiddels weer wakker. Hij heeft dus gewoon z’n roes uit liggen slapen. We maken duidelijk dat we op deze manier geen vertrouwen meer hebben in de rest van onze safari en willen duidelijkheid over de gang van zaken. Hij baalde gisteren van de kapotte jeep en was nog lang bezig geweest met repareren. Daarna had ie het helemaal gehad en had zin in een biertje. We besluiten wel verder te gaan met Planet, op voorwaarde dat we de tweede week naar Lake Turkana een goede jeep meekrijgen en niet zo’n gaar ding als die we nu hebben. En deze drinkpartij moet de laatste geweest zijn op onze reis.

Zo’n 40 Maasai-kinderen zitten keurig in de bankjes, gestoken in blauwe uniformpjes met gele kragen.
Tegen het einde van de ochtend gaan we op weg naar het dichtstbijzijnde Maasaidorp. Dat kan best lopend, volgens Sammy. Toch een vreemd idee, met zoveel wild in de buurt… Bij een schooltje stappen we naar binnen. Zo’n 40 Maasai-kinderen zitten keurig in de bankjes, gestoken in blauwe uniformpjes met gele kragen. Ze vinden het schitterend dat we bij hen komen kijken en de juf laat de kinderen wat liedjes voor ons zingen. Ze dansen en klappen en schreeuwen heerlijk door elkaar heen. Er komt een klein meisje naar voren en krijgt van de juf een aanwijsstok waarmee ze parmantig naar het schoolbord loopt. Een voor een wijst ze de verschillende dieren aan die op het bord zijn getekend, waarop de hele klas in koor de namen opdreunt. Maar onze videocamera vinden ze ook erg interessant! De juf laat de chaos die ontstaat lachend toe.

Maasai krijger
In de deuropening staan twee Maasaikrijgers ons aandachtig op te nemen. We maken een praatje met hen en ze lopen met ons mee verder het dorp in. Daar is alles in diepe rust. Niet verwonderlijk op het heetst van de dag. Onder een enorme groene acacia liggen de mannen van het dorp hun middagdutje te doen, de typerende rode doeken over hen heen. Bijna alle shops zijn gesloten en hier en daar hangen wat jongelui rond. De rust werkt aanstekelijk en ook wij gaan er bij zitten en laten de sfeer van dit dorp op ons inwerken.

Een Maasai
Af en toe komt er een Maasai voorbij die ons groet en wat verwonderd aankijkt. Blijkbaar zijn ze hier niet gewend dat buitenlanders een bezoek brengen aan hun dorp. Een van de dorpelingen kan zijn nieuwsgierigheid niet bedwingen en komt bij ons staan. Eindelijk kan ik de ‘autobandschoenen’ eens van dichtbij bestuderen. IJzersterk schoeisel dat een leven lang mee schijnt te gaan. Om zijn kuiten draagt hij versieringen van superkleine kraaltjes. De rode gestreepte doek achteloos over de schouder, stok losjes in de hand. De Maasaikrijger vraagt wie we zijn en waar we vandaan komen.

Kudde van de Maasai
Er ontstaat een gesprek over zijn cultuur en we komen veel dingen aan de weet; besnijdenis vindt nog steeds plaats, zowel bij de jongens als bij de meisjes! De Maasai hebben geen makkelijk leven. Voortdurend is er de dreiging van het wild dat uit is op het vee en wat soms voor levensgevaarlijke situaties zorgt. De Maasai haalt een leeuwenklauw tevoorschijn. Deze is van de leeuw geweest die hij doodde toen hij 15 jaar was, vertelt hij. Hij draagt ‘m altijd bij zich. We zitten lichtelijk met onze oren te klapperen. De tradities blijken dus nog steeds springlevend! Met alleen een speer moeten de jongens rond hun vijftiende een leeuw doden om te bewijzen dat ze echte mannen zijn. Daarna zijn ze ‘warrior’ en mogen ze trouwen. In de verte lopen een aantal rijk versierde vrouwen over de vlakte met balen gras op hun rug. Dat wordt gebruikt om de daken van de hutten te repareren, vertelt de Maasai.

De manyatta die we later bezoeken is wat toeristisch. We moeten in ieder geval een toegangsprijs betalen aan de zoon van de chief. Tsja, zouden wij dat ook niet doen als er iedere week een groep buitenlanders bij ons op bezoek zou komen? Het toerisme is natuurlijk een leuke inkomstenbron voor de families die gezamenlijk in deze manyatta leven, maar alles gaat er nog heel traditioneel aan toe. De Maasai zijn nu eenmaal ongelofelijk trots op hun cultuur en zullen er alles aan doen om hun levenswijze in stand te houden. We schrikken wel een beetje, als een Maasai ons vertelt dat het gejank van de honden afgelopen nacht werd veroorzaakt doordat een leeuwin hun manyatta erg dicht naderde. Onze tenten staan vlakbij deze manyatta…

Pech onderweg naar Nakuru

De dag begon zo veelbelovend met cheeta’s, leeuwen en nog eens leeuwen. Nu staan we stil met een kokende motor, ergens in de middle of nowhere. We zijn van de Masai Mara op weg naar Nakuru en hebben een paar honderd kilometer voor de boeg. We hebben nog een paar liter drinkwater, dat gooien we in de radiateur. Die is namelijk zo lek als een mandje. Het komt er met dezelfde vaart ook weer uit. Toch maar weer op weg, er zit niks anders op. Na nog een aantal van dit soort stops is ons water op. Wat nu? We speuren de omgeving af naar water, maar alles wat we zien is één grote, dorre vlakte aan weerszijden van de eindeloze weg die lijkt op te lossen in het niets. Sammy rommelt wat onder de motorkap en doet wanhopige pogingen de gare bak weer aan de praat te krijgen. Wij proberen kalm te blijven. We zullen ooit wel in Nakuru aankomen en anders overnachten we in Narok. Verkeer is hier zeldzaam. En als er eens wat langs komt, dan zijn het toeristen die ons in een rotgang voorbij scheuren en ons dommig aangapen vanachter de raampjes. Daar staan we dan, verloren en hulpeloos midden in de verzengende hitte van de Afrikaanse savanne. Totdat er een aantal vrachtwagens afremmen waar een stuk of vijftien Kenyanen uitspringen! Met z’n allen duiken ze onder de motorkap en constateren nu nog een ander probleem. Iets met de accu geloof ik. Maar warempel, na een tijdje start de motor en kunnen we weer op weg. De Kenyanen zwaaien ons uitbundig lachend na als we voorbij rijden. Hakuna Matata! Geen problemen in Afrika!

Vijf minuten later slaat een van de rode wijzertjes op het dashboard al weer gevaarlijk ver door naar rechts. De rest van de wijzertjes hangt werkeloos naar beneden, die zijn waarschijnlijk in een grijs verleden al kapotgegaan. We beginnen zenuwachtig te worden en proberen ons goede humeur te bewaren. De motor heeft het kookpunt inmiddels weer overschreden en het water uit de radiateur spat tegen de voorruit. Sammy geeft wanhopig nog een keer plankgas, iedere meter die we winnen is meegenomen. Ik kan m'n ogen niet geloven als even later blijkt dat we pal naast een viezige waterpoel tot stilstand zijn gekomen. We vullen hier onze waterflessen met modderig water en gaan weer op weg nadat Sammy de radiateur heeft volgegooid. Hij baalt als een stekker. Uren later bereiken we eindelijk Narok. Het wemelt hier van de Maasai die vanuit de wijde omgeving naar de markt komen. We genieten van een heerlijke lunch en tussen de happen door, vragen we ons af wat we nu van plan zijn. De jeep is afgeleverd bij de plaatselijke garage en Sammy is aan het bier geslagen. Dat kan maar een ding betekenen: de situatie is hopeloos. We zijn het er al bijna over eens dat we terug naar Nairobi gaan en de rest van onze safari met een andere touroperator regelen, als Sammy ons meldt dat er een taxi voor ons klaar staat om ons naar Nakuru te vervoeren. Daar zullen we een aantal andere Planet-reizigers ontmoeten met busje en chauffeur zodat we de safari kunnen voortzetten naar Lake Nakuru. Ja fijn, maar hoe moet het dan met de rest van onze safari? " Alles zal geregeld worden". Meer kan Sammy er ook niet van maken. We hebben echt medelijden met hem als we afscheid nemen. Het huilen staat 'm nader dan het lachen. Zodra de jeep gemaakt is zal hij teruggaan naar Nairobi, maar waarschijnlijk wordt dat pas morgen. Als het meezit, tenminste.

Onze rugzakken hevelen we over in de taxi en we zijn gereed voor vertrek. Maar waar is de chauffeur opeens gebleven? Verderop zien we hem rondhangen tussen een stel maten van 'm en zo te zien heeft hij absoluut geen haast. Wat heeft dit nu weer te betekenen? Aan een van de mannen die er ook iets mee te maken schijnt te hebben, vragen we wat er aan de hand is. Onze chauffeur? O, die is nog even ergens aan het eten en zal zo wel terugkomen. Ik ga bijna aan mezelf twijfelen, maar ik weet zeker dat die man daar in dat groepje hier net achter het stuur zat. Op een gegeven moment wordt ons duidelijk dat de man weigert in te stappen zolang hij nog geen geld heeft gehad voor de brandstof. Nog meer mannen komen zich er mee bemoeien en er ontstaat een heftige discussie. Als ze maar niet denken dat wij gaan dokken. Na een uur stapt de chauffeur in (zou hij geld van Sammy hebben gehad?) en laten we Narok achter ons.

Ergens halverwege op de weg naar Nakuru ontmoeten we Sammy nummer twee. Hij is onze nieuwe chauffeur en zal ons, en vier andere reizigers, naar Nakuru brengen. Die vier andere reizigers blijken oude bekenden van ons te zijn, we hebben ze al ontmoet in de Masai Mara. We hebben geen flauw idee hoe ze het allemaal voor elkaar krijgen bij Planet, maar we zullen wel zien waar we terecht komen. We overnachten in Pemways Hotel, even voor Nakuru. Wat zal de dag van morgen ons brengen?

Lake Nakuru National Park

Alles wat we hadden verwacht, maar toch zeker geen luipaard! In het hoge gras loopt hij te slepen met een prooi in z'n bek, op weg naar een van de schitterende 'yellow fever trees' waar hij in alle rust zal gaan genieten van de maaltijd. Helaas kunnen we daar niet op wachten, gezien enkele safaribusjes achter ons die het nodig vinden te pepperen omdat ze er langs willen. In een sneltreinvaart op safari. Dit zijn de echte toeristen. Het Afrikaanse tempo leent zich echter veel beter voor een safari, maar dat is iets wat sommigen kennelijk niet begrijpen. We gaan even aan de kant om deze snelheidsmaniakken door te laten en speuren de omgeving af naar het luipaard. Maar die is natuurlijk al lang verdwenen met zoveel herrieschoppers in de buurt. Luipaarden houden ervan zich te verstoppen en Lake Nakuru National Park met zijn vele bomen en struiken is dan ook de perfecte leefomgeving voor deze dieren. Misschien dat we op de terugweg nog een glimp van het beest op kunnen vangen.

Rhino's, Lake Nakuru
Een roze waas hangt over het meer dat glinstert in het ochtendlicht. De duizenden flamingo's..! Op weg er naar toe komen we een stel neushoorns tegen. Zo'n reusachtige kolos pal naast de auto is toch wel lichtelijk angstaanjagend… Niemand die het waagt om te praten. Ook ik hou m'n adem in. Blijkbaar voelt hij zich op z'n gemak bij ons, hij gaat er bij liggen maar zijn ogen laten ons geen moment los. Spectaculair! Een zucht van verlichting gaat door de auto op het moment dat de motor wordt gestart en we richting het meer rijden. De flamingo's maken een gigantische herrie met z'n allen. Wat een fantastisch gezicht is dit! Paradijselijk, zo mooi. We mogen hier de auto uit en proberen wat dichter bij de flamingo's te komen. Maar met iedere stap die wij zetten, zetten zij er drie zodat het niet echt opschiet. Nadat we een tijdje van de schitterende omgeving hebben genoten, gaan we weer op zoek naar het luipaard. Maar hij laat zich niet meer aan ons zien. Wel zien we nog twee leeuwen, een groep bavianen, gazellen, zebra's, giraffen en een aantal waterbuffels. Dit is een ander soort dan die we in de Masai Mara gezien hebben en ze schijnen een stuk agressiever te zijn. We blijven op veilige afstand.

Terug in het hotel nuttigen we ons verlate ontbijt en pakken de rugzakken voor vertrek naar Mount Kenya. Helaas hebben we geen tijd (en geen conditie) om de bijna 5200 meter hoge top te beklimmen, maar we willen toch een dagje lekker lopen. Onze medereizigers gaan ook met ons mee naar Nanyuki en nu snappen we helemaal niks meer van de hele organisatie. Ze gingen toch terug naar Nairobi?? Als we aankomen in Nyahururu is het inmiddels vier uur en ik ben behoorlijk gaar door het gehobbel en een lege maag. Een bord patat gaat er wel in. Buiten staan inmiddels weer twee andere voertuigen van Planet. De ene is een busje waar onze medereizigers instappen en ook wij verhuizen onze spullen voor de zoveelste keer. We hadden gevraagd om een degelijke jeep voor de reis naar Lake Turkana, maar dit ding ziet er precies zo uit als de vorige.

Durven we het aan? Zinnetjes uit mijn reisgids die aan duidelijkheid niets te wensen overlaten, schieten door m'n hoofd. 'De tocht door het noorden moet u alleen maken als u beschikt over een goede terreinwagen'. 'Wees ervan overtuigd dat uw gids het gebied grondig kent en ga niet op reis zonder een reparatieset voor lekke banden, reserveonderdelen en minstens twee zandladders'. Onze nieuwe chauffeur, Paul, weet ons te overtuigen. Hij is een rustige man van een jaar of vijftig en komt heel wat betrouwbaarder over dan die vorige praatjesmakers. Hij rijdt al jaren de route naar Turkana en we kunnen deze jeep volgens hem volledig vertrouwen. Vorige week is hij nog teruggekomen van een reis door het noorden en dat is allemaal zonder problemen verlopen. Maar voor we ons definitief in dit nieuwe avontuur storten, hebben we nog een paar vraagjes. Hoe is het gesteld met de veiligheid op het moment? Nog Somalische bandieten, struikrovers of ander gespuis tegengekomen toevallig? Er stond tenslotte ook in de reisgids dat we de locals en ervaren reizigers om advies moesten vragen. Maar in zeven jaar is hem nog nooit iets overkomen. Dat geeft de doorslag. Laat het avontuur dan maar beginnen!

Een dagje Mount Kenya

Gekraak van takken en geritsel in het dichte struikgewas doet ons opeens verstijven van angst. Een olifant! Charles, onze gids, is ook geschrokken en gebaart ons muisstil te zijn. Rennen, maak dat je wegkomt! Maar hoe doe je dat zonder geluid te maken?! Olifanten houden namelijk niet van herrie. We maken ons zo snel en geruisloos als we kunnen uit de voeten. We zijn op de terugweg, dus het pad loopt gelukkig naar beneden. Pas tientallen meters verder, durven we stil te staan en kijken hijgend achterom. Hij is ons niet achterna gekomen! Maar de schrik zit er behoorlijk in. We hadden blijkbaar te vroeg gejuicht. Nog maar een uur geleden zaten we bij te komen van de kou en van de pittige klim en genoten we van een bord hete soep. We waren tevreden; we hadden in redelijke tijd 700 meter geklommen en het eerste camp bereikt, waren geen buffels tegengekomen en geen olifanten. Alleen wat sporen waren het bewijs dat deze gevaarlijke beesten zich wel degelijk schuilhielden in de weelderige vegetatie van de berg. Charles vertelt ons dat de ivoorjacht nog steeds niet volledig is uitgeroeid en met name op Mount Kenya zijn stropers actief. De geur van een mens betekent voor de olifanten dus maar een ding: gevaar! We besluiten niet meer naar de Mau Mau Caves te gaan. Voor vandaag is het welletjes en we willen ook nog een beetje fit zijn voor de pittige week die ons wacht. Ik snuif de frisse berglucht nog maar eens een keer goed in - morgen gaan we zinderende hitte tegemoet.

Vorige pagina reisverslag Vervolg reisverslag




HomeDagaanbiedingenAutohuurHotelsKortingsactiesVakantiehuizenVakantieparkenVliegtickets ReisverhalenLandeninformatieHelp