TravelSource.nl Logo 
HomeDagaanbiedingenAutohuurHotelsKortingsactiesVakantiehuizenVakantieparkenVliegtickets ReisverhalenLandeninformatieHelp
Afrika Auteur : Betty & Peter
 Azië 
Australië E-mail adres : peterspage@home.nl
Europa 
Noord Amerika URL Homepage : http://home.wanadoo.nl/pbpeters/reisverslagen.htm
Zuid Amerika   
Wereldreizen Reisverhalen : Vijf weken Indonesië : Sumatra, Java, Bali & Lombok






 Deel 1 : Sumatra Indonesië reisverslag, Betty & Peter. TravelSource.nl

5 weken Indonesië
Sumatra, Java, Bali & Lombok

Uitzicht van bovenop de Borobudur.

In 1999 zijn we 5 weken naar IndonesiŽ geweest. Dit was onze eerste grote reis buiten Europa. Daarom hebben we gekozen voor een groepsreis, in dit geval met Djoser. Wij hebben de eilanden Sumatra, Java, Bali en Lombok bezocht.

IndonesiŽ heeft in die 5 weken ons hart gestolen. De mensen, de geuren, de kleuren, de natuur en de cultuur hebben zo'n indruk op ons gemaakt dat je zoiets alleen maar kunt begrijpen als je er zelf bent geweest.

Lees ook de andere verslagen van Betty & Peter op hun homepage http://home.wanadoo.nl/pbpeters/reisverslagen.htm

Geografie:

De kaart van Indonesië
De republiek IndonesiŽ strekt zich uit over een afstand van meer dan 5000 kilometer en telt ongeveer 13000 eilanden waarvan er minder dan 1000 bewoond zijn. De IndonesiŽrs noemen hun moederland Tanah Air Kita wat zoveel betekend als ons land en water. De oppervlakte van IndonesiŽ is zo'n 2 miljoen km2 (48 keer Nederland) en de hoofdstad is Jakarta op Java. Tot de Indonesische archipel behoren onder meer Java, Sumatra, Kalimantan, Sulawesi, Irian Jaya, de Sunda Eilanden en de Molukken. IndonesiŽ ligt rond de evenaar, ingeklemd tussen AustraliŽ en het Aziatische vasteland. Ruim 2/3 van het totale oppervlakte (vooral in Sumatra, Kalimantan en Sulawesi) is nog bos en moeras, waarbij gezegd moet worden dat deze oppervlakte in een ras tempo kleiner wordt, vooral door de steeds groeiende bevolking is er steeds meer land nodig voor landbouw en woningbouw en worden de nog niet ontgonnen gebieden in ras tempo in cultuur gebracht.

Historie

IndonesiŽ wordt in ieder geval al z'n 500.000 jaar bewoond, gezien de vondsten van fossielen van de "Java Man" (Homo Erectus), een op de moderne mens lijkend individu. Vanaf 3000 v CHr. hebben de diverse Hindoe- en Islam- koninkrijken en sultanaten op de verschillende eilanden de dienst uit gemaakt. Dit was nog het geval toen de Portugezen en de Hollanders in de 15e en 16e eeuw voet aan land zetten. De kolonisatie door Nederland heeft geduurd tot de Japanse invasie in de Tweede Wereldoorlog. Op 17 augustus 1945 riepen Soekarno en Hatta IndonesiŽ tot de onafhankelijke Republik Indonesia uit. Pas in 1949 droeg Nederland de soevereiniteit over aan de voormalige Nederlandse kolonie, en werd IndonesiŽ een zelfstandig land onder president Soekarno en later president Soeharto, tot deze in 1998 aftrad ten gunste van president Habibie. Na Habibie werd president Wahid de eerste door vrije verkiezingen aan de macht gekomen president.

Bevolking

IndonesiŽ ongeveer 210 miljoen inwoners en dit aantal neemt elk jaar met +/- 1.5% toe. Hiermee is IndonesiŽ qua inwoners het op drie na grootste land ter wereld. De bevolking van IndonesiŽ bestaat uit z'n 360 etnische groepen, die overwegend tot het Maleisische ras behoren. Verder wonen er veel Chinezen, vooral op Java. Deze etnische groepen spreken ongeveer 365 talen en dialecten, maar de algemene taal is Bahasa Indonesia. Wat de religie betreft: circa 85% belijdt de islam, een klein deel is christen of hindoe. Enkele belangrijke bevolkingsgroepen zijn de in het bergland van Sumatra wonende hoogontwikkelde Minangkabauers en de Bataks en Adjehers in het noorden van Sumatra. Op Java zijn het de Javanesen en de Sundanesen terwijl de Balinesen op uiteraard Bali en de Sasaks op Lombok ook gerekend worden tot een van toon aangevende bevolkingsgroepen. Iedere bevolkingsgroep heeft zijn eigen cultuur met complexe verwantschaps- familie- en maatschappijstructuren, waarvan het Minangkabause matriarchaat misschien wel het uitzonderlijkst is.

Cultuur

De Indonesische cultuur zoals de meeste mensen in Nederland die kennen, is hoofdzakelijk de cultuur van Java. Typerende kenmerken hiervan zijn de muziek de hofdansen de en poppenspelen. Bali vormt een hindoeÔstische enclave tussen de islamitische buureilanden en het enige eiland waar het hindoeÔsme nog uitgebreid beleden wordt. Het zijn de kleurrijke processies en tempelceremonies die een bezoek aan het eiland tot zo'n bijzondere belevenis maken. De creativiteit van de Balinezen is buitengewoon. Velen zien kans om zich naast het gewone werk te bekwamen in een van de vele kunstvormen, zoals het houtsnijden, schilderen, dansen of muziek maken. Ook op de andere eilanden hebben de diverse bevolkingsgroepen ieder een eigen cultuur ontwikkeld. Enkele typerende voorbeelden hiervan zijn de Bataks op Sumatra en de Toraks op Sulawesi.

Gem. temperaturen. Medan Jakarta Denpassar Singapore
Januari 27 29 30 31
Februari 27 26 30 31
Maart 28 29 30 31
April 29 29 30 31
Mei 29 28 29 31
Juni 28 28 28 31
Juli 28 27 28 31
Augustus 28 28 28 31
September 28 28 29 30
Oktober 27 28 29 31
November 27 29 30 31
December 27 29 30 31

Klimaat

Temperatuurtabel van Indonesië
Er heerst een tropisch klimaat met een luchtvochtigheid die vaak boven de 90% ligt. Afhankelijk van de moesson kennen de meeste delen van het land een regentijd en een droge periode. De regentijd in Sumatra duurt van oktober tot maart. Dit betekent beslist niet dat het in de andere maanden niet regent. Ook dan valt er regelmatig een bui, die zich beperkt tot een uur of twee in de namiddag. In het de regenperiode zullen de sawah's groener zijn en de bloemen talrijker. De regentijd op Java duurt van november tot maart. In de overige maanden valt er toch nog behoorlijk wat regen in het westen en zuidwesten. Het oosten daarentegen kent dan nauwelijks neerslag. De dagtemperatuur op Java schommelt net als op Sumatra, Bali en Lombok tussen de 24įC en 31įC. In de bergen is het vaak beduidend koeler. Bali en Lombok kennen ongeveer hetzelfde klimaat als het oosten van Java en er valt dus, afgezien van de bergachtige streken, weinig neerslag in de droge periode. Langs de kust is het warm, maar er waait meestal een frisse zeebries.

Natuur

Bossen zijn de oorspronkelijke begroeiing van IndonesiŽ en bedekken nog steeds meer dan 50% van het land. De ligging ten op zichte van de evenaar bied ideale voorwaarde voor een groen blijvend tropisch regenwoud. Door de aanwezigheid van deze bossen (die tegenwoordig in zeer rap tempo worden vernietigd tbv van de houtkap en de huisvesting van de groeinde bevolking) kent IndonesiŽ een grote diversiteit aan planten en dieren. Er leven in het wild nog olifanten, luipaarden, tijgers, neushorens, chimpansees en orang-oetans. De kenmerkendste plant is natuurlijk de Rafflesia, in de oerwouden van Sumatra, met zijn bloem die een doorsnee kan bereiken van wel 1 meter. De natuur van Sumatra wordt gekenmerkt en gevormd door het Bukit-Barisan gebergte dat loopt van het noorden tot aan de Padangse bovenlanden. Van de vijftig vulkanen van dit gebergte, dat deel uitmaakt van de 'Ring of Fire', zijn er nog altijd negen actief. Het Bukit Barisan-gebergte is overdekt met tropische wouden met ertussen enkele schitterende bergmeren zoals het Toba-meer in het noorden, het grootste meer van Zuid Oost AziŽ, en het Maninjau-meer bij Bukittinggi. In de tropische wouden zijn de kleine apen de neushoornvogels en de orang-oetans (oa in enkele rehabilitatie-reservaten van het wereldnatuurfonds) natuurlijk kenmerkenden bewoners. Net als op Sumatra doorsnijdt ook op Java een vulkanische bergketen het eiland. De natuur op Java heeft inmiddels grotendeels plaats moeten maken voor cultuurlandschap. Toch valt er nog genoeg van natuurschoon te genieten, prachtige groene sawah's, machtige vulkanen en ook zijn er nog uitgestrekte teak- en bamboebossen. In de de reservaten van Pangandaran en Meru Betiri leven nog wilde buffels, makaken, neus≠hoornvogels en zeeschildpadden. De natuur op Bali en Lombok heeft veel gemeen met die van Java met dien verstande dat er hier voor de kust nog prachtige koraalriffen zijn te vinden.

Sumatra

Amsterdam naar Medan.

Zaterdag 04 September
De kaart van Sumatra
's Morgens vertrekken we met de trein vanuit Hengelo naar Schiphol om daar met het vliegtuig verder te gaan. Na een prima vlucht met een prachtig toestel (Boeing 777) van Malaysia Airlines, waarin ik overigens voor het eerst in mijn leven luchtziek ben geweest (geen pretje, maar met de hulp van de geweldige bemanning ben ik na ongeveer 30 minuten alweer volledig opgeknapt), landen we de volgende dag in Kuala Lumpur. Nadat we eerst de mooie luchthaven hebben bewonderd vertrekken we 2 uur later naar Medan in IndonesiŽ.

Zondag 05 September. Aankomst in Medan door naar Bohorok.

Bij het uitstappen maken we in de aankomsthal kennis met onze reisleidster (Giselle) en de groep. Dertien personen van jong (22 jaar) tot middelbare leeftijd (55 jaar), en dan in de rij voor de paspoortcontrole.Nadat we zijn toegelaten, weer in de rij maar nu voor de bagage. De eerste reistas is er zo maar de tweede laat lang, heel lang op zich wachten, sterker nog: hij komt helemaal niet, stevig balen dus! Na het invullen van de nodige formulieren toch maar op weg naar Bohorok onze eerste overnachtingsplek. Na een wilde bustocht (schijnt hier de gewoonte te zijn) zijn we om Ī 14.00 uur bij ons hotel in het Gunung Leuser natuurpark aan de Bohorok-rivier. De eerste indrukken zijn overweldigend: een ongelofelijk mooie natuur veel lachende en zwaaiende mensen en ook nog eens een hotel dat prachtig ligt te midden van het tropische regenwoud aan de rivier. Nog een snel introductierondje en dan wil iedereen maar 1 ding; naar de kamer. Nadat we ongeveer 3 uur de tijd hebben gehad om bij te komen of de omgeving te verkennen eten we met z'n allen op het terras van het hotel onze eerste Nasi Goreng en gaan dan nog samen een rondje door het dorp lopen om hierop vroeg naar bed te gaan.

Maandag 06 September. Bohorok.

Je kon ze bijna aanraken deze Orang-oetang die bij ons hotel kwamen kijken voor een lekker hapje.
We staan om 6.00 uur op. Betty wordt wakker met een ontzettend dik oog van een muggensteek. Doordat onze klamboe en al het muggenspul in onze vermiste tas zitten hebben we ons dus niet tegen de muggen kunnen beschermen, we zijn dan ook beiden diverse keren gestoken. Toch hebben we er weinig last van en Betty haar oog is ook al na een uur weer volledig in zijn oude staat hersteld.Na het ontbijt, toast met ei of Nasi Goreng (heerlijk - je bent in IndonesiŽ toch) vertrekken we voor een prachtige morgen. We steken de Bohorok over in een uitgeholde boomstam en maken dan onder leiding van twee gidsen een wandeling naar de voederplek van de orang-oetangs. In het Gunung Leuserpark is namelijk een rehabilitatiecentrum van de orang-oetangs gevestigd onder auspiciŽn van het WNF. Hier worden ze getraind om weer in de vrije natuur te leven. De meeste hier verblijvende apen zijn dit ontwend, doordat zij vroeger in gevangenschap hebben geleefd of doordat zij houtkap uit hun natuurlijke omgeving verjaagd. Het is fascinerend om de orang-oetans van zo dicht bij te zien sommige zelfs met jong. Het is zo wie zo niet voor te stellen dat we anderhalve dag geleden nog in Nederland zaten en nu in deze jungle. De jungle is moeilijk te beschrijven; vochtig, soms iets benauwd, warm en heel groen, varens, lianen, palmen, rode kleverige aarde, insekten, vlinders en veel onbekende geluiden van apen, krekels, vogels en andere voor ons onbekende dieren. Na en tijdje gaan we verder voor een drie uur durende wandeling door het oerwoud. Langs een smal pad gaan we dieper de jungle in; soms steil omhoog dan weer steil naar beneden over omgevallen bomen en tussen lianen door. We lopen achteraan waarbij een gids ons alles vertelt wat we willen weten. Over de dieren (er schijnen er nog olifanten, tijgers en beren voor te komen) en de planten; oa over de bast van de kinine-boom waar de lokals een thee van maken die je beschermd tegen malaria. Plotseling zien we twee orang-oetangs (waarvan een met jong) op nog geen twee meter voor ons. Gewillig "poseert" er eentje voor onze camera. Verderop komen we nog andere apensoorten tegen. Aan het eind van de tocht hebben we een mooi uitzicht over Bohorok en de omliggende jungle. Na de lunch gaan diegene die daar zin in hebben raftend de rivier af. We komen aantal keren in het water terecht doordat de roeiers niet goed op elkaar zijn ingespeeld. Aan het eind van de tocht worden we, weer een ervaring rijker, met een aftands "busje" weer naar boven gebracht. Als we terug zijn brengt Giselle ons nog geweldig nieuws: onze tas is terecht. Zij heeft vanmiddag overal geÔnformeerd en hij was blijven staan in Kuala Lumpur en wordt morgen nagebracht. Wat zijn we blij. In het dorp lekker gegeten en na de tijd nog wat gedronken in "cafe" The Cave.Een in de rotsen uitgehakte ruimte waar een live bandje speelde van plaatselijke muzikale grootheden die hoofdzakelijk plaatselijke liedjes zongen. Ondanks dat het gezellig was toch een beetje op tijd naar bed want morgen is het vroeg op voor een lange busreis naar het Tobameer.

Dinsdag 07 September. Bohorok - Samosir-eiland.

Vanmorgen om 7.00 uur vertrokken. De rit van Bohorok naar Prapat, gelegen aan het reusachtige Toba-meer is een aaneenschakeling van kampongs en plantages. We rijden langs honderden huisjes van groot tot klein van mooi tot aan echte krotten. We drinken koffie in de stad Medang en rijden verder. We komen langs duizenden mensen allemaal zwaaien, langs lachende en wuivende kinderen en overal kokosnoten- en palmolie-plantages. Om ongeveer 13.00 uur stoppen we bij een wegrestaurant om te eten. We eten met z'n tienen een padang-maaltijd; een wirwar van een tiental schaaltjes met van alles en nog wat. Vis(jes), garnalen, kip, groente etc. en alles zťťr pikant en dit alles met een bord witte rijst. Elke keer als we afrekenen verbazen we ons weer, deze keer moesten we alleen de schaaltjes betalen waarvan gegeten was en dit betekende voor ons met z'n tweeŽn omgerekend fl. 6.00 (incl. drank). Na deze heerlijk culinaire stop rijden we weer verder. We stoppen bij een cacao- en palmolie-plantage en bekijken de vruchten. Bij de palmolieplantage zien we hoe deze trossen met vruchten worden geoogst, met een soort zeis op een wel heel lange stok worden ze uit de kruin van de boom gezaagd, een werkje voor mannen met stevige bovenarm spieren. Aangekomen bij het Tobameer hebben we een prachtig overzicht over het meer en het in het meer gelegen eiland Samosir. Met de boot naar Tuk Tuk op het eiland. We meren aan bij ons hotel dat prachtige kamers blijkt te hebben met een gewone wc en een warme douche, vanaf het balkon kijken we uit over het Tobameer. Eerst gedoucht en de kleding weggebracht om te laten wassen dan met de groep lekker uit gegeten in een nabijgelegen restaurantje. Aan het eind van de maaltijd worden we door het personeel getrakteerd op live-muziek. Eťn gitaar en jongens en meisjes die allen samen voor ons zingen.

Woensdag 08 September. Samosir-eiland.

Traditioneel huis van de Karo Bataks.
We kunnen uitslapen en staan om 8.30 uur op om te ontbijten. We hebben vandaag en morgen vrije dagen die we zelf in kunnen vullen. We zijn er intussen wel achter dat we een heel bijzonder groep hebben getroffen. We kunnen als groep prima met elkaar overweg en iedereen laat iedereen vrij om ook dingen voor zichzelf te doen. Unaniem besluiten we om een fietstocht over het eiland te gaan maken. Het duurde even voor de fietsen bij ons hotel waren, ze kwamen werkelijk van alle kanten (soms zelfs achter op een brommer) maar na een tijdje konden we op weg naar Tomok. Nadat we onderweg een keer de bergen zijn ingestuurd (als IndonesiŽrs de weg niet weten sturen ze je uit beleefdheid maar een kant op) hebben we toch de stenen doodskisten van koning Sidadutar en zijn koningin bezichtigd waarnaar we op zoek waren. Nadat we ergens koffie en diverse vers fruit cocktails hebben gedronken ( en de plaatselijke kinderschare onder groot enthousiasme rijkelijk van ballonnen hebben voorzien, deze had Corrie uit Nederland meegenomen) werden we bij iemand thuis uitgenodigd om haar traditionele Batak-huis te bezichtigen, toch iets anders als dat wij thuis gewend zijn. Het eiland is vrij vlak maar ondanks dat kom je toch behoorlijk aan het zweten maar gelukkig is het intussen wat bewolkt geworden als we verder fietsen. We fietsen nog een uur rond voor we na het hotel terug keren. Hier aangekomen klaart het weer op en kunnen we nog even in het meer zwemmen en snorkelen (allemaal guppies). 's Avonds lekker kip gegeten en het eerste souvenir gekocht, een met de hand gesneden "magische" stok.

Donderdag 09 September. Samosir-eiland.

Als we opstaan regent het al, ondanks dat besluiten we om met z'n allen een tocht met een boot over het meer te maken. Eerst naar Simanindo waar we een traditionele Batak dans bijwonen op een pleintje omringt door traditionele Batak huizen. Na de koffie per boot verder naar Ambarita waar we een offerplaats en een gerechtshof bezoeken van ongeveer 400 jaar oud. Terug in Tuk Tuk klaart het weer op en blijft het de verdere dag droog. In het hotel geluncht en 's middags nog wat winkeltjes bekeken met artikelen van de plaatselijke nijverheid (hoofdzakelijk met de hand gesneden voorwerpen).

Vrijdag 10 September. Samosir-eiland - Padangsidempuan.

Na het ontbijt om 7.30 uur vertrokken we voor een lange busrit naar Padangsidempuan. Dit is een soort tussenstop op weg naar Bukkittinggi waar we morgen tegen de avond aan komen. We zien dat de levensstandaard heel langzaam iets verbeterd. Dit is iets wat we de hele reis zouden zien, hoe verder we richting Bali kwamen hoe hoger de levensstandaard en de daarbij behorende prijzen van het levensonderhoud. Onderweg stoppen we bij zwavelbronnen, lopen over de markt van Balige, bekijken een koffieplantage en eten verse ananas bij een ananasplantage en maken foto's bij de eerste echte sawah's die we tegen komen. In Tarutung stoppen we voor een korte lunchpauze. Laat in de middag komen we aan in ons hotel. Een stuk minder dan we de laatste dagen gewend waren maar nog alleszins acceptabel. s' Avonds met de hele club in een aantal becaks naar het restaurant. Het eten was dit keer niet bijzonder, koud en scherp. Waarschijnlijk vonden ze Betty wel iets bijzonders want die moest na het eten met elke serveerster en ober op de foto. Weer terug met de becak en hup naar bed. De volgende morgen (hťťťťl vroeg) worden we geconfronteerd met het gegeven dat we nu echt in moslimgebied zijn aangeland.

Zaterdag 11 September. Padangsidempuan - Bukkittinggi.

Om 6.00 uur opgestaan om om 7.00 uur te vertrekken naar Bukkittinggi. Het is vandaag weer een lange reis die niet zolang lijkt door de tussenstops die er onderweg worden gemaakt. We zien hoe een gedresseerd aapje kokosnoten uit de kokospalm haalt en leggen een bezoek af aan een kruidenplantage. Hier zien we oa: kaneel, vanille, citroengras, pepertjes en nog veel meer kruiden. Onderweg komen we langs een aantal "heilige" bomen (supergrote ficussen van soms wel 60 meter hoog en tientallen misschien wel honderden jaren oud) en stoppen bij een mosliminternaat voor enige duizenden jongens. Deze zitten hier samen gepropt om oa de koran en Arabisch te leren. We vinden het maar een heel armoedige en broeierige vertoning. Onderweg ergens gegeten, dit zal mij nog lang heugen want in een uur tijd ben ik zo ziek als een hond er worden er voor mij meer stops gemaakt dan om foto's te maken. De verdere reis gaat dan ook geheel langs mij heen. Er wordt onderweg nog gestopt bij het passeren van de evenaar, hier wordt een ieder bestormt door kinderen die t-shirts willen verkopen. Ook Betty koopt voor mij een t-shirt. Na de verder zeer bochtige weg door de groene bergen komen we om ongeveer 18.00 uur aan bij ons hotel. Ik duik gelijk het bed in en Betty gaat met de rest mee wat eten en komt dan bij me liggen.

Zondag 12 September. Bukkittinggi.

Het stadje Piladang op Sumatra in de buurt van Bukkittinggi waar de kenmerkende bouwstijl van de Minangkabouwer-cultuur goed te herkennen is.
Het is vandaag gelukkig een vrije dag zodat ik de hele dag in bed kan blijven liggen. Betty trekt er met de rest op uit. 's Morgens is ze met Corrie, Frans, Jannie en Henk de stad in geweest naar het Taman Budokanduang park met dierentuin waar ze werden overspoeld door studenten die hun engels op wilden halen en natuurlijk met hun op de foto wilden. Op de terugweg hebben ze nog even over de markt gelopen en wat boodschapjes gedaan. Als Betty terug komt gaat het met mij wat beter maar nog niet goed genoeg om met Betty en 5 anderen mee te gaan. Zij hebben namelijk een busje met gids gehuurd om in de omgeving iets van de Minangkabau-cultuur te zien. Onderweg wordt er een echt Minangkabau-huis bezocht waarbij de familie hun allerhartelijkst begroet. Toen door naar de prachtige dorpjes Piladang en Tabat Patah met mooie huizen, houtsnijkunst en prachtige weefkunst. Onderweg bij een huis nog koek gegeten en toen weer terug naar het hotel. Ik ben intussen zo ver opgeknapt dat ik mee ga uit eten. Nou ja, het was uit maar van eten kwam nog niet zoveel, alleen een kop thee en toastje. Betty had een heerlijke salade van komkommer met ei en Foe Yong Hai en daarbij een bananen juice.

Maandag 13 September. Bukkittinggi.

Vandaag de laatste dag in Bukkittinggi. We vertrekken onder begeleiding van twee gidsen naar het Ngarai ravijn oftewel het Karbouwengat zoals de Nederlanders het vroeger noemden. Ik ben intussen zover aangesterkt dat ik besluit om mee te gaan. Ik neem met aantal anderen de korte route terwijl Betty met de rest de lange route neemt. We maken een prachtige wandeling van bovenop de ene kant van de vallei naar bovenop de andere kant waar we de rest weer tegen komen in het dorp Kota Gadang een stadje dat hoofdzakelijk bekend is om zijn (filigraan) zilverwerk. Hier worden we ontvangen in het huis van de zus van een van onze gidsen en krijgen er thee met cake en noedelsoep. Harriet wordt hier niet helemaal goed en besluit met Giselle met een taxi naar huis te gaan. Zoals later blijkt ook maar beter want er staat ons nog een fikse wandeling te wachten. We kijken in het stadje nog even rond en zien hoe de zilveren sieraden met de hand worden gesmeed en kijken rond in een boerderij hoe er rijst wordt gedorst. Dan vervolgen we samen de tocht. We maken een prachtige wandeling van bijna twee uur midden door de natte en sompige sawah's. We komen door een bamboebos waar de bamboe wel 25 meter hoog groeit. Ik ben blij dat we bij het eindpunt aankomen want ik kan wel merken dat ik nog niet helemaal de oude ben. We worden met z'n achten in een oud en gammel busje gepropt om ons naar het hotel te brengen. Bij de eerste beste verhoging in het landschap denkt het busje; bekijk het maar en houdt het voor gezien. We besluiten om het laatste stukje dan ook maar te gaan lopen. Terug in het hotel ben ik volledig uitgeteld. Nadat we beiden hebben gedoucht gaan we eerst een uurtje liggen. 's Avonds met z'n allen gegeten in een leuk tentje aan de hoofdstraat. Ik heb toch maar weer thee en wat toast genomen voor de zekerheid (een rib uit mijn lijf want ik moest wel 25 cent betalen) en Betty had heerlijke Rendang met witte rijst en vers fruit met Yoghurt toe voor maar 20.000 roepiah (Ī fl 6.00 incl. drank). Op tijd naar bed want morgen moeten we om 7.00 uur op.

Dinsdag 14 September. Bukkittinggi - Jakarta (Java).

Vanmorgen om 8.00 uur vanuit het hotel vertrokken naar het vliegveld van Padang. Na een leuke busreis en de hele ceremonie van inchecken en hangen in de vertrekhal, om ongeveer 12.00 uur vertrokken naar Jakarta.

vervolg reisverslag naar Java




HomeDagaanbiedingenAutohuurHotelsKortingsactiesVakantiehuizenVakantieparkenVliegtickets ReisverhalenLandeninformatieHelp