Ni Hao
15 dagen enge beestjes en rare Chinezen
Zaterdag 7 augustus, Schiphol > Beijing
De aankomst op Beijing Airport is een
passende: onduidelijkheid en lange rijen. Onduidelijkheid
over waar je waarom moet wezen, je volgt wat vage
bordjes, onduidelijke pictogrammen en gaat maar
netjes in de rij staan. Netjes,
want hier staan relatief veel niet-Chinezen in de rij en
om een of andere reden zijn die minder getraind in het
gebruik van ellebogen, knieën en koffers in hectische
rijen. Nadat je verklaard hebt dat je geen enge ziektes,
HIV of psychische aandoeningen hebt ben je na een uurtje
een mooie stempel rijker (er zullen er nog veel volgen,
Chinezen zijn dol op stempelen) en sta je buiten, in het
land waar mensen alles op vier benen eten, bijna niemand
Engels spreekt (raar taaltje dat Chinees), de gewoonste dingen avonturen blijken en
waar gelukkig nog heel veel te ontdekken is. Beijing was
voor ons een ideaal uitgangspunt voor een mooie reis door
China
Beijing is, maar dat gevoel krijg je vooral als je
terugkomt van een rondreis door het platteland, een erg
westerse stad, met veel luxe, grote verschillen tussen
arm en rijk, veel pracht en praal en veel historie.
Een van die aparte plekken van Beijing is het
Tiananmenplein, dus natuurlijk beginnen we onze eerste
dag met een bezoek aan dit 1 km lange plein. Het is hier
altijd druk, altijd vol met elkaar fotograverende
chinezen, vliegerende kinderen en marcherende
politieagenten. En natuurlijk een van de langste rijen
die je bedenken kunt. En dan bedoel ik natuurlijk de rij
om het lijk te zien. Het lijk van Mao, of het wassen
beeld dan, want dat is niet helemaal duidelijk. Er
circuleren er twee, een echte en een wassen, maar soms
zijn ze ook allebei in onderhoud. Zo niet vandaag, maar
toch was de rij ons iets te lang.
We hebben wat geslenterd rondom een in smog verhulde
Verboden stad. Niet verwacht dat die werkelijk zo groot
zou zijn, dat je het inderdaad een stad kunt noemen. Na
het eten de Dong'anmen Night Market opgezocht en daar
kwam het eten er al weer bijna uit. Voor twee kwartjes
kon je hier overheerlijke spiesjes bestellen met de
lekkerste vis- en vleessoorten: Hond, kuiken, libelle,
rund (zeggen ze), maden, levende torren, of een
sateprikkertje met 4 kikkerpootjes, 6 kippenhartjes of
ander vreemd orgaanvlees. Toch maar niet.
Zondag 8 augustus, Beijing
<> Badaling
Bijna de gehele toeristische branche zegt
dat je het niet moet willen, zelf reizen door China, zelf
je reis regelen, zelf treinkaartjes kopen. Dat geldt ook
voor het maken van excursies. Elk hotel in Beijing en
elke (Nederlandse) touroperator biedt excursies naar de
Great Wall aan, in nette airconditioned bussen met een
min of meer Engelstalige (staats-)gids die bepaalt wat je
wel en niet te zien krijgt. Maar het heeft meer charme om
dat soort dingen zelf te regelen en je te laten kidnappen
op een van de busstations. Want op dat soort plekken word
je regelmatig besprongen door mensen die je onduidelijke
reizen of diensten willen verkopen, zo ook op het
Tiananmen plein. En al binnen één minuut was het raak:
Een Chinese vrouw vindt dat we toch echt met haar busje
mee moeten, maar waarom en waar naar toe is nog
onduidelijk. Na wat geblader en aanwijzen in de Lonely
Planet kregen we een min of meer bevestigende reactie op
Badaling, een toeristisch oord met veel
gerestaureerde stukken muur. We betalen het locals-tarief
van 50 knoeten (sorry Yuan, das ongeveer een
kwartje per stuk) en stappen in - natuurlijk de enige
blanken, hilariteit alom, vooral als de chauffeur aan het
speechen slaat. We blijken een gezellige 10 uur durende
Chinese dagtocht geboekt te hebben, die overal en nergens
stopt en je daar een uur of wat de tijd geeft om rond te
kijken. Gelukkig skipt deze bus al die voor Chinezen
blijkbaar zeer boeiende bezienswaardigheden als het
grootste wassenbeeldenmuseum ter wereld en de (ook hier
al) verkoopdemonstraties, maar stoppen we op
verschillende plekken langs de Great Wall en bij iets dat
bij navraag en het betere handen en voeten werk enkele
Ming-graven blijken te zijn. 
De eerste stop is de Juyong Pass, een touristencircus
waar nog steeds tempels, poorten en stukken muur worden
bijgebouwd, heel authentiek en echt oud dus! Blijkbaar
zijn Chinezen er erg goed in om dingen te
restaureren die er een jaar geleden nog niet
stonden. Maar goed, we hebben m gevonden en
beklommen, onze eerste paar kilometer van de naar
schatting 6000 km lange muur, een indrukwekkende
ervaring, zon symbool van trots en macht, maar
feitelijk ook van tirannie. Het beklimmen is -zelfs op de
toeristische stukken- best wel zwaar. De muur kronkelt en
slingert van bergtop naar bergtop, met stijgingen van
meer dan 60 graden. Zeker gezien de hoge temperaturen en
luchtvochtigheid (het was tenslotte wet season) is
het een zware ervaring om wat verder te lopen dan de
meeste touristen gaan. Toch is het wel erg de moeite
waard om voorbij de laatste I Climbed the Great
Wall- T-shirt verkoper te lopen en de muur
voor je zelf te hebben. Bij de tweede stop in
Badaling is dat al weer iets moeilijker. Busladingen vol
met Chinese toeristen worden hier als kuddedieren
losgelaten, al dan niet met kabelbanen naar boven
geslingerd om toch maar vooral overal fotos van
elkaar te kunnen maken. Het clichébeeld is weer eens
bewaarheid: overal waar een Chinees een foto van een
andere Chinees heeft gemaakt, moet een volgende Chinees
ook een foto van een Chinees gemaakt hebben, het zal dan
immers wel een echte fotospot zijn. Je wordt dan ook
vreemd aangekeken als je een foto van het landschap, een
gebouw of een stuk muur neemt. Moet er dan echt niemand
op?
De overige stops liggen bij de beroemde Ming-graven. Hier
rusten dertien van de zestien keizers uit de
Ming-dynastie (1368 - 1644), natuurlijk begraven met
juwelen, vrouw en (levende) scharrels. Dit leverde mooie
tempelcomplexen, tuinen en poorten op. Deze poorten
spelen in al die tempelcomplexen een grote rol, vormen
vaak de zoveelste doorgang naar weer een heiliger plein,
poort of tempel. Alleen al daarom heeft elk zichzelf
respecterend hotel in China ook zon rijk
beschilderde poort voor de deur staan, vaak erg sterk
lijkend op al die gerestaureerde poorten op
tempelcomplexen. Maar goed, we waren toen nog niet
tempelmoe, dus het was allemaal erg indrukwekkend.
Maandag 9 augustus, Beijing
Regen. Dus de Great
hall of the people maar eens opgezocht en in dit land der
uitersten is dit ook een bizar grotesk gebouw met een
vergaderzaal voor 10.000 mensen.
De mao-rij, ook nu zijn we er te lui voor: toch maar
niet.
In een
nabijgelegen winkelcentrum boden ze nu eens geen massages
of kuren aan, maar kunnen ze je algehele gezondheid
'meten' door een weerstandsmetertje tegen je oor te
houden en daar wat fraaie chineze kreten bij te roepen.
Marijes oor laten checken. De voorspelling: griep &
diaree, maar feitelijk deugde er niks aan haar! Hmmmmm,
dat beloofd niet veel goeds, dus maar snel wat
schietgebedjes gedaan bij de Tian Tan Tempel van de
hemel. Voor als je tempelmoe bent geworden, een goeie
afwisseling, want deze is: r o n d ! Okay, tempelmoeheid
slaat nu toe... 's Avonds nog even een avondwandelingetje
gemaakt in de sloppenwijken van Beijing op zoek naar een
restaurantje in de ambassadewijk.
Vervolg reisverhaal
|