TravelSource.nl Logo 
HomeDagaanbiedingenAutohuurHotelsKortingsactiesVakantiehuizenVakantieparkenVliegtickets ReisverhalenLandeninformatieHelp
Afrika Auteur : Paul en Monique Schilders
Azië 
Australië E-mail adres : monique.schilders@planet.nl
 Europa 
Noord Amerika URL Homepage : http://home.planet.nl/~monique.schilders/
Zuid Amerika   Duitsland   Egypte   Florida   Frankrijk  Italië  (Sicilië)  Jordanië   Israël
Wereldreizen Reisverhalen : N.Zeeland  Noorwegen  Ruta Maya   USA+Canada   USA   Zuidelijk Afrika






 Sicilië, vulkaanuitbarsting Etna reisverslag Paul en Monique Schilders. TravelSource.nl

Sicilië 2001

1e DAG 02-08-2001 Tilburg - Amsterdam - Catania - Acireale - Etna

Op weg naar Schiphol belanden we vlak voor Amsterdam in de enige file die Nederland op dit moment rijk is. Oorzaak: de open dag van Ajax. Met de auto op 'lang parkeren' vertrekken we om 15.30 uur stipt op tijd naar Sicilië. Het is ons gelukt stoelen te bemachtigen met extra beenruimte. Net als Ben.com en zijn ouders die naast ons zitten. Ben is inmiddels een bekende Nederlander die op jonge leeftijd een aardig centje verdient aan zijn websites waar consumenten internet- en telefonieaanbieders kunnen vergelijken. Na een rustige vlucht landen we om 18.00 uur op het eiland dat voor de 'laars' van Italië ligt. De bagage rolt snel van de band en op de huurauto hoeven we ook niet lang te wachten. Een halfuur na de landing verlaten we, in een groene Fiat Punto, Catania in noordelijke richting en gaan op zoek naar een camping.
Nieuwsgierig naar de vulkanen in dit gebied besloten we 2 weken geleden op reis te gaan naar Sicilië. Enkele dagen later werd duidelijk dat de Etna opnieuw actief was geworden. Fantastische beelden van de uitbarstingen werden wereldwijd op televisie getoond. Gevolg was echter ook dat de luchthaven van Catania gesloten werd. Terwijl de vertrekdatum naderde nam de activiteit van de Etna, evenals onze nieuwsgierigheid, verder toe: Zou het vliegveld op tijd heropenen? Pikken we in dat geval nog iets mee van de uitbarstingen? Hoe dicht kunnen we bij de nieuwe kraters en de lavastromen komen? Tot vlak voor het vertrek bleef het spannend. Zouden we op het laatste moment toch nog voor een alternatieve bestemming moeten kiezen

NASA foto vanuit de ruimte
Inmiddels rijden we aan de voet van de Etna en kijken vol ontzag naar de 3370 meter hoge vulkaan. De top die vanaf het vliegveld niet zichtbaar was, komt langzaam te voorschijn uit een wolk van rook. Op 5 plaatsen vlak onder de top spuit de vulkaan as en zwarte rook de atmosfeer in en verduistert hierdoor de ondergaande zon. De wind blaast de as over het eiland tot ver boven de zee. De afgelopen week heeft NASA een aantal foto's gepubliceerd waarop deze stofwolk duidelijk vanuit de ruimte tot ver boven de Ionische Zee te zien is. Het vliegveld van Catania is nu nog dagelijks kort gesloten om de as van de start- en landingsbanen te vegen.
In het stadje Acireale vinden we op een hoog rotsplateau aan de kust een prima plaatsje op de 2 sterren camping Timba. Als de tent staat (20.00 uur) gaan we als echte ramptoeristen op weg naar de Etna in de hoop de actieve vulkaan van dichtbij te kunnen zien. Na wat zoeken vinden we bij Zafferana Etnea de rondweg door het Parco Naturale dell' Etna. Terwijl het snel donker wordt rijden we via een smal steil bergweggetje langs de flanken van de Etna omhoog. Op de weg ligt een laag as die dikker wordt naarmate we verder klimmen. Hierdoor is het asfalt zo nu en dan nauwelijks te onderscheiden van de lavavelden langs de weg, zeker als even voorbij de laatste huizen straatverlichting ontbreekt. Terwijl we voorzichtig verder rijden, lijkt het alsof we de Etna voor ons alleen hebben. In het licht van de koplampen is te zien dat er nu ook veel stof in de lucht hangt. Langzaam maar zeker dringt in de Punto een typische luchtje binnen dat je kunt verwachten bovenop een actieve vulkaan, namelijk zwavel. Als er vervolgens ook as op de auto begint te vallen, is er maar één conclusie mogelijk. We komen in de buurt!

Uitbarsting op 2 augustus 2001
Plotseling zien we hoog boven ons gloeiende lava, terwijl de wolk as en rook voor ons rood oplicht. Zo dicht bij ons doel stuiten we plotseling op een blokkade van de 'carabinieri'. Teleurgesteld stappen we uit. Terwijl het stof tussen onze tanden knarst en we de vulkaan ruiken, beseffen we dat de Etna vanaf deze zijde niet in volle glorie te zien zal zijn. Dit lijkt nu alleen mogelijk vanuit Nicolosi, dat de afgelopen weken veel in het nieuws is geweest omdat het skicentrum van dit bergdorpje bedreigd werd door lavastromen. Op de terugweg stoppen we waar eerder de gloeiende lava te zien was. Terwijl de asdeeltjes neerdwarrelen, is boven de flanken van de Etna van ver de lavafontein te zien die de wolk van rook en as rood kleurt. Fantastisch!!! Tijdens de afdaling passeren we een restaurant en besluiten daar een hapje te eten (22.00 uur). Tot onze verbazing is vanuit de pizzeria duidelijk te zien dat er lava van de flanken van de Etna stroomt. Dat moet bij Nicolosi zijn. Na een heerlijk diner (salade buffet & pizza) besluiten we nog niet terug te gaan naar de camping maar door te rijden naar Nicolosi. Aan de noordzijde van het dorp is de weg naar het skicentrum eveneens afgezet door de 'carabinieri'. Omdat vanuit het dorp de lavafontein opnieuw slechts van ver te zien is lopen we op goed geluk via een smal pad het dorp uit. In het gezelschap van 2 fransen 'hiken' we over een oud lavaveld dichter en dichter naar de Etna. Plotseling stuiten we op een diep ravijn, dichterbij het 'vuurwerk' kunnen we helaas niet komen. Vanaf de 'rim' zien we niet alleen hoe de lava uit het binnenste van de aarde wordt geperst maar ook hoe deze langzaam maar zeker het dal instroomt. Het duurt even tot we door hebben dat een geluid, als dat van een zware branding, ook afkomstig moet zijn van de uitbarstingen voor ons op de flank van de vulkaan. Het uitzicht is adembenemend! Eindelijk staan we oog in oog met een actieve vulkaan. Desondanks wordt het tijd om de camping op te zoeken, het is inmiddels namelijk 00.45 uur.
Onder de indruk van het natuurverschijnsel en door de hitte in de tent lukt het niet goed de slaap te vatten. Morgen willen we meer zien van de hoogste en grootste vulkaan van Europa.

134 Kilometers

2e DAG 03-08-2001 Etna

We hebben vannacht slecht geslapen door de hitte. De slaapzakken zijn veel te warm en worden daarom weer ingepakt. Na een verfrissende douche halen we in de 'kampwinkel' een eenvoudig ontbijt. Terwijl we op het rotsplateau hoog boven de Ionische Zee ontbijten en genieten van het panorama, besluiten we vandaag het gebied rond de Etna te verkennen.
Om 9.30 uur gaan we opnieuw op weg naar Nicolosi, ditmaal om het actieve deel van de Etna bij daglicht te zien. Onderweg blijkt dat niet alleen de vulkaan, maar het hele gebied rond de Etna bedekt is met een dikke laag as. Net als gisteren verdwalen we in het doolhof van de vele smalle bergweggetjes. Hierdoor bereiken we Nicolosi echter via een aantal prachtige lavavelden met een goed uitzicht op de rokende vulkaan. Bij een temperatuur van dik boven de 30 graden lopen we naar de rand van het oude lavaveld dat we de afgelopen nacht zijn overgestoken. Het wordt ons nu pas duidelijk dat het zelfs bij daglicht een hele klus is, om hier over de grillige lava naar het ravijn te 'hiken', laat staan bij het licht van de maan en een zaklamp. Het 'vuurwerk' op de vulkaan moet dus gisteren al onze aandacht hebben gehad. Via een asfaltweg lopen richting we het skicentrum van Nicolosi. 15 minuten verder hebben we een goed uitzicht op de actieve flank van de Etna. Helaas gloeit de lava bij daglicht niet op. De enige getuige van activiteit is de rook die op een aantal plaatsen aan de vulkaan ontsnapt. We besluiten nu niet verder te wandelen, maar hier vanavond wel terug te komen.
Met de klok mee rijden we rond de Etna. Het eerste deel van de rit is de natuur niet erg indrukwekkend. Soms zelfs zo saai dat Paul in slaap valt. Als we Linguaglosso naderen maakt de dorre omgeving echter plaats voor prachtige zwarte lavavelden. Het dorp dankt zijn naam aan de enorme lavatong waarop het gebouwd is, 'lingua grossa' betekent in het Italiaans namelijk grote tong. De Marevene Weg brengt ons, door een dicht naaldbos, naar de Piano Provenzana. Vanaf dit plateau rijden normaal gesproken terreinwagens tot vlak onder de top van de vulkaan. Tot onze verbazing zijn er, ondanks de actieve zuidzijde van de Etna, ook vandaag excursies (70.000 lire p/p) naar de top mogelijk. We hebben geluk als blijkt dat 10 minuten later een excursie begint. Monique kan nog net een paar bergschoenen huren, haar eigen schoenen staan op de camping. Als we even later in de terreinwagen met enorme banden stappen, dringt de vergelijking zich op met de 'snowcoach'-rit over de Athabasca Glacier in het Jasper National Park, Canada.
Schuddend en schommelend klimt de terreinwagen snel tegen de flanken van de Etna omhoog. Overal om ons liggen schitterende lavavelden, hier en daar onderbroken door de eerste vegetatie die wortel schiet op het nieuwe gesteente. De rit voert langs een aantal indrukkwekkende kraters. Tijdens de rit wordt ons duidelijk dat de Etna niet alleen erg hoog maar ook meer is dan één enkele vulkaan. Goed beschouwd is de Etna een bergmassief met meerdere kraters. Hoe indrukwekkend de uitbarstingen aan de zuidzijde ook zijn, ze moeten in het niet vallen bij het natuurgeweld dat het bergmassief ongeveer 1 miljoen jaar geleden tot deze hoogte heeft opgestuwd. Op 2818 meter hoogte bereiken we L'Osservatorio Vulcanologico di Pizzi Deneri. De mineralen in de lava die de vulkaan uitstoot, bevatten veel water en zijn er mede oorzaak van dat de top zich helaas opnieuw heeft omgeven met wolken. Te voet laten we de 2 koepels van het observatorium achter ons en 'hiken' naar een 'viewpoint' op een wat verder gelegen top. Het panorama op dit hoge uitzichtpunt blijkt indrukwekkend. 550 meter boven ons laat de hoofdkrater van de vulkaan zich zo nu en dan tussen de wolken zien. Wat verder weg zijn boven de actieve zuidzijde duidelijk de zwarte as- en rookwolken te zien die de Etna voortdurend uitstoot. Voor ons strekt zich de La Valle del Bove uit. Op de bodem van deze vallei laten fumarolen op diverse plaatsen damp ontsnappen aan de lava en is hier en daar zelfs de gele kleur van zwavel te ontwaren. De vallei lijkt nu redelijk rustig maar is in de afgelopen jaren regelmatig actief geweest. Dit verklaard de meetapparatuur naast ons op de top, waarmee de vulkaan voortdurend in de gaten wordt gehouden. Vanaf deze hoogte lijkt het eiland bedekt met een dikke stofwolk die het uitzicht vertroebeld. Heel apart is de strak blauwe lucht die zich daarboven sterk aftekent. Als de gids, die nog minder Engels praat dan ik (Paul) Italiaans, aangeeft dat het tijd is, dalen we af naar het observatorium. Tijdens de afdaling nemen we een kijkje bij 2 van de 100den oude kraters die het massief van de Etna rijk is. Terug op de 'piano' concluderen we dat ook deze trip een unieke ervaring was.
Via schitterende lavavelden dalen we af. Onderweg zien we tot onze verbazing een kudde geiten over het kale gesteente dwalen. Via Milo bereiken we Zafferana Etnea. Met een schitterend uitzicht op de ondergaande zon, die verduisterd word door de as- en rookwolken boven de Etna, eten we een kleine maar lekkere pizza op het centrale plein van het dorp. Bij invallende duisternis rijden we vervolgens opnieuw naar Nicolosi. We zoeken hetzelfde plekje op als vanmorgen. Hoewel de activiteit wat af lijkt te nemen genieten we hier opnieuw van het indrukwekkende natuur-verschijnsel. Terug in Nicolosi is het inmiddels een drukte van belang. We maken een aantal nieuwsgierige Italianen met handen en voeten duidelijk wat er te zien is en hoe ze er moeten komen. Via Catania rijden we terug naar de camping. Hier werk ik het reisverslag bij, terwijl Paul wat luiert. Het is inmiddels 23.30 uur.

215 Kilometers

3e DAG 04-08-2001 Acireale - Letojanni - Taormina

Na opnieuw een warme nacht staan we om 8.30 uur op. We pakken we de tent in, ontbijten en rijden om 10.00 uur verder naar het noorden. Het verkeer onderweg is typisch Italiaans: druk, dubbel geparkeerde auto's en verkeerslichten die worden genegeerd. De ene helft van de verkeerdeelnemers rijdt 100 kilometer/uur, waar 50 is toegestaan, terwijl de andere helft het op 25 kilometer/uur houdt. Een en ander zorgt er voor dat we een uur nodig hebben om in het 40 kilometer verder gelegen Giardini Naxos te komen. Boven dit dorpje ligt, hoog op de rotsen boven de Ionische Zee, het meest toeristische dorpje van Sicilië namelijk Taormina. De enige camping in Giardini Naxos blijkt sfeerloos en bomvol met 'back packers'. Daarom rijden we door naar Letojanni. Hier krijgen we een prima plaatsje op Camping Paradiso aangewezen tussen de caravans. Dit waarschijnlijk omdat hier de auto bij de tent kan staan, zoals Monique in haar beste Italiaans heeft gevraagd. Vandaag dus geen plaats op een 'overflow'-veldje, maar een plaats aan het strand achter een hoog hek. We vermoeden dat een overnachting op dit plekje heel wat maar gaat kosten als op het veldje zonder uitzicht op het 'mare'. Als de tent staat rijden we terug naar Taormina (13.00 uur).
De auto laten we achter in een parkeergarage aan de voet van de hoge rotswand waarop Taormina is gebouwd. Via een lange trap klimmen we naar het centrum van dit stadje. Hoewel erg toeristisch is de oude kern gezellig. Met name rond de autovrije Via Umberto hangt een leuke sfeertje. Omdat het erg heet is pikken we aan deze straat een terrasje. Na een koude cola en wat te eten wandelen we een stukje over de 'via'. De meeste winkeltjes zijn nu echter gesloten. We besluiten hier later, na de siësta, terug te komen. Via de 'via' bereiken we het Teatro Greco. De entree van dit Grieks-Romeinse theater is duur (8000 lire), zeker als even later blijkt dat het 'teatro' eigenlijk vergane glorie is. Hoewel we verwend zijn met dergelijke oudheden, tijdens onze reizen door het Midden Oosten, vallen de resten van het Teatro Greco tegen. Er is niet veel over van het theater en wat er van over is, is te ver gerestaureerd. Op de resten van de oude tribune is een moderne versie van steigerpijpen verrezen. Op de plaats van het oude podium staat een moderne variant compleet met geluid- en lichtinstallatie voor een optreden van vanavond. Het is duidelijk waarom de Grieken bij de bouw van het theater voor deze locatie hebben gekozen. Wat namelijk gebleven is, is het prachtige uitzicht vanuit het theater over de Ionische Zee met op de achtergrond de Etna. Hoewel het erg heiig is, lijkt de stofuitstoot van de vulkaan minder dan de afgelopen dagen. Het lijkt erop dat 'Mongibello', de berg der bergen zoals de Sicilianen de vulkaan noemen, langzaam maar zeker tot rust komt.
We hebben zin in een paar uurtjes luieren. Daarom rijden we, nadat we in het dorpje getankt hebben, terug naar de camping. Hier bellen we met de GSM naar huis om op te scheppen over onze avonturen op de flanken van de Etna. Tijdens het telefoongesprek bied de buurman ons een paar stoeltjes aan. Lekker lui kijken we vanachter het hek uit over de zee, het strand en de badgasten. Terwijl ik (Paul) het reisverslag bijwerk, spelen 4 Italianen pal voor ons 'tamboerein-volley-tennis' (zonder belletjes) op het strand. Het is 18.00 uur als de Italianen plotseling het strand verlaten en samen een lange file vormen voor de douches. Wij stellen dit maar even uit en rijden opnieuw naar Taormina.
Als we via de trappen het centrum bereiken, blijken de winkeltjes inmiddels weer open en is het gezellig druk in het stadje. In een zijstraatje van de 'via' kiezen we een terrasje om een hapje te eten. De geplande spaghetti ontbreekt als hoofdgerecht, dus kiezen we wat 'a la carte'. De steak en de mosselen staan heel snel voor onze neus. Na het diner wandelen we door Taormina. Net als overal in de wereld geldt ook hier in dit Siciliaanse kustplaatsje zien en gezien worden voor de meeste flanerende Italianen en toeristen. Voor (te) veel lires tekenen 'kunstenaars' portretten en karikaturen van roodverbrande toeristen op het Piazza IX Aprile. Het panorama vanaf dit plein over de zee en de verlichte dorpjes langs de kust is zeker de moeite waard. In één van de vele winkeltjes laten wij ons zelfs verleiden tot het kopen van een souveniertje, een gedetailleerde landkaart van 'Mongibello'.
Terug op de camping ( 22.00 uur) blijkt het alles behalve rustig. Overal zien en horen we drukke Italianen, bovendien komt er een hoop herrie uit de bar. Bij onze tent zien we vanachter het hoge hek de lichtjes van steden op het vaste land van Italië aan de overzijde van de Ionische Zee. Voor de 1e keer kruipen we deze vakantie onder de wol zonder een kijkje te hebben genomen bij de actieve Etna.

79 Kilometers

4e DAG 05-08-2001 Letojanni - Gorge Alcantara - Milazzo

Na het ontbijt gaan we op weg naar het 20 kilometer landinwaarts gelegen Francavilla. Hier ligt het 1e reisdoel van vandaag, namelijk de Gorg Alcantara. Een nauwe 'canyon' uitgesleten in het basaltgesteente door het smeltwater van de besneeuwde top van de Etna.
Het blijkt enorm druk te zijn op de parkeerplaats bij de Gorg Alcantara. We lopen tussen grote drommen Sicilianen, uitgerust met alle noodzakelijke spullen voor een dagje aan het water, naar de kassa. De enige verklaring die wij kunnen bedenken, is dat vandaag weer een erg hete dag wordt en dat een groot aantal Sicilianen op hun vrije zondag verkoeling zoeken aan de oevers van het riviertje dat de 'gorg' heeft uitgesleten. Wij komen echter niet om te luieren, maar om door de kloof te 'hiken'. Bij de kassa blijkt dat dit niet mogelijk is omdat het water te hoog staat. In gebrekkig Engels verteld men ons dat we tot bij een smal deel van de kloof kunnen komen en daar een kijkje in de 'canyon' kunnen nemen. Teleurgesteld dalen we met 2 kaartjes op zak af in de kloof met een moderne lift. Verbaasd verlaten we de betonnen liftkoker die tegen de 'canyon'-wand lijkt geplakt. Het 1e wat we zien is een oude Siciliaan die rubberen lieslaarzen verhuurd aan dagjesmensen die met droge voeten het riviertje over willen steken. Wat verder blijken de oevers van het riviertje vol te liggen met zonnende Sicilianen. Voorzichtig lopen we tussen de zonaanbidders door naar de plek waar de 'canyon'-wanden elkaar naderen. De indrukwekkende 'canyon'-wanden bestaan hier uit 8 hoekige basalt zuilen. Hoewel een aantal Italianen hier van de rotsen in het ijskoude water duiken, is het bordje met een verbod om de canyon in te gaan overbodig. Niemand haalt het in zijn hoofd om in water met deze temperatuur de kloof in te zwemmen. Net als de Sicilianen blijven we een paar uurtjes luieren op de bodem van de Gorg Alcantara.
Om 13.30 uur rijden we verder naar het noorden van Sicilië. Het einddoel voor vandaag is Milazzo, een haven- en industriestad gelegen aan de Tyrrheense Kust. We laten de snelweg, die rond het eiland loopt, voor wat hij is en kiezen voor een route door het heuvelachtige binnenland. Onderweg ontbreekt hier en daar de bewegwijzering zodat Monique opnieuw in haar beste Italiaans de weg moet vragen. Tijdens de bochtige route laat de rokende top van de Etna zich zo nu en dan even zien. Wat verder staan in de berm een aantal brandweermannen naast hun wagens bezorgt te kijken. Even later wordt duidelijk waarom. We rijden namelijk plotseling door een zwartgeblakerd landschap waar het vuur weliswaar net gedoofd is maar de verbrande vegetatie nog nasmeult en rookt. Aan de overzijde van de vallei rookt het ook en is duidelijk te zien hoe op de flank van een heuvel een flinke brand woedt. Het is 15.30 uur als we Milazzo bereiken. Hoewel niet echt idyllisch willen we toch in deze stad overnachten. Vanuit de haven vertrekken namelijk de boten naar de Eolische Eilanden. Één van deze eilanden is de nog altijd actieve vulkaan Stromboli die we graag willen bezoeken.
Hoewel het centrum lijkt uitgestorven vind ik (Monique) een Italiaan die ons aanwijst waar de tickets voor overtochten naar de Eolische Eilanden verkocht worden. Helaas blijken de kantoren gesloten tot 16.30 uur. Er zit niets anders op dan een uurtje te wachten. We slenteren door Millazo en drinken wat aan de haven om de tijd te doden. Het wachten blijkt vergeefs. De Siciliaan achter de balie van het verkoopkantoor kan of wil geen Engels spreken en scheept ons af met een nutteloos foldertje. We zijn het even beu en gaan daarom op zoek naar een camping.
Een uurtje later staat de tent op Camping Smeralda. Hier horen we in prima Engels dat er een regelmatige bootdienst is naar Stromboli. Bovendien moeten we zelf in San Vincenzo, een dorpje aan de voet van de vulkaan, een excursie regelen naar de top van de vulkaan. Na een uurtje luieren aan het strandje van de camping rijden we terug naar de haven om alsnog kaartjes te reserveren voor de boottocht naar Stromboli. We lopen het kantoor van de 'eikel' die ons niet wilde helpen voorbij. In het kantoor van de concurrent krijgen we in perfect Engels te horen dat reserveren niet nodig is. We kunnen morgen tot een halfuur voor het vertrek zonder problemen kaartjes kopen.
Na het diner in het restaurant van de camping staat er inmiddels een live band klaar op het terras aan zee. We zoeken een rustig plekje, lezen wat en luisteren naar de muziek. De Italianen verbazen ons met onder andere de Silciliaanse variant van de 'vogeltjesdans'. Als het tijd wordt om te gaan slapen vragen we ons af of dat wel gaat lukken met deze hitte.

125 Kilometers

5e DAG 06-08-2001 Milazzo - Stromboli

Na opnieuw een hete nacht met weinig slaap staan we op. Tot onze grote schrik hangen er voor het eerst deze vakantie grote wolken in de lucht. Hoewel voor een nachtelijke beklimming van de Stromboli helder weer een vereiste is, besluiten we het risico te nemen en toch te gaan. De tent wordt afgebroken en gaat samen met alle overbodige bagage, inclusief de fototas, in de auto. We nemen de camera niet mee omdat het erg lastig is om met onze apparatuur mooie foto's te maken onder de omstandigheden die we in het donker kunnen verwachten op de top van de vulkaan. Als de Punto op de parkeerplaats net buiten de camping staat wachten we op de bus. Deze brengt ons (11.30 uur) naar de haven. Hier 'pinnen' we en kopen kaartjes voor de boot naar Stromboli. Het blijkt een tochtje van 2 uur te zijn, met een aantal tussenstops. Om 13.30 uur gaan we aan boord van een super snelle draagvleugelboot. Dit type boot maakt gebruik van de lift van een aantal vleugels onder de romp die de boot uit het water tilt, de weerstand vermindert en zo hogere snelheden mogelijk maakt. Het nadeel is dat buiswater een bezoek aan het dek onmogelijk maakt. Hierdoor zien we niet veel van de Eolische Eilanden Vulcano en Lipardi die we onderweg aandoen. Wel zien we reeds van ver de kegel van de 924 meter hoge Stromboli uit de Tyrrheense Zee verrijzen. Helaas met de top in de wolken!
Terwijl we aan wal gaan op Stromboli daalt de stemming. Met de tevergeefse zware beklimming van de actieve vulkaan Pacaya in Guatemala nog vers in het geheugen, realiseren we ons dat de kans om vannacht een eruptie van de Stromboli te zien klein is. We wandelen via smalle steile straatjes San Vincenzo in. Vanuit een klein winkeltje op het plein voor het kerkje worden de excursies georganiseerd. Na overleg met een gids laten we in verband met de weersverwachting de geplande nachtelijke beklimming schieten. In plaats daarvan kiezen we voor de 'afternoon hike' met als voordeel dat we meer zullen zien van de vulkaan omdat we deze bij daglicht beklimmen. Inmiddels kruipt de top verder in de wolken !
Het is 18.00 uur als we met nog 15 anderen, onder aanvoering van gids Luca, beginnen aan de 3 uur durende klim naar de kraterrand. Onderweg pikken we veiligheidshelmen op. Via San Bartolo bereiken we het observatorium op de Punta Labronzo. Het uitzicht op de steile wanden van de Stromboli is schitterend. Luca deelt mee dat hij verwacht dat de bewolking weldra zal wegtrekken en dat de klim hier pas echt begint. Het smalle, slecht onderhouden pad brengt ons snel boven de dichte begroeiing op de flank van de vulkaan. Zo nu en dan maakt het pad plaats voor grote brokken lava. De tocht wordt extra zwaar als we via asvelden omhoog moeten. Na elke 2 passen glijden we er 1 terug. De 1e tekenen dat we een actieve vulkaan beklimmen zien we wat verder op het lavaveld dat we oversteken. Lava afkomstig van een eruptie uit één van de kraters rolt over het veld naar beneden de zee in en werpt onderweg stof op. De wolken rond de top wijken steeds verder. Hierdoor wordt de dikke witte rook die Stromboli uitstoot zichtbaar. Nog een flink stuk onder de top genieten we van een prachtige zonsondergang. Met de zaklampen aan beginnen we aan het laatste deel van de tocht. De lampjes van groepen hoog boven ons maken duidelijk dat het nog ver is naar de top. Ondertussen is van een pad allang geen sprake meer. Via een steile rotswand bereiken we het 1e observatiepunt. Achter eenvoudige muurtjes van lava schuilen we voor de harde koude wind op deze hoogte. Hoewel we nog niet op de 'rim' zijn van de oude krater, staan we inmiddels wel op gelijke hoogte met de krater die we voortdurend zwavelhoudende damp hebben uit zien stoten. Omdat de damp ons de weg (?) verspert geeft Luca aan dat hij hier wil wachten. Bovendien kunnen de wolken in deze pauze nog wat verder weg trekken. Terwijl we genieten van het uitzicht op de rokende krater, de afgrond en het uitzicht op de Tyrrheense Zee, barst volkomen onverwacht een schitterend vuurwerk los! Op slechts 250 meter voor ons werpt de vulkaan roodgloeiende lava tientallen meters de lucht in. Ademloos kijken we toe! Zo dichtbij, zo gevaarlijk en toch zo mooi! Na zo'n 10 seconden neemt de kracht van de uitbarsting weer af en even later lijkt het alsof er niets gebeurt is. Terwijl Luca blijft twijfelen, genieten wij enthousiast en onder de indruk van nog 4 uitbarstingen. Inmiddels zijn 2 groepen ons gepasseerd op weg naar boven. Nieuwsgierig naar de top dringen we aan bij de gids en uiteindelijk geeft hij het teken dat ook wij verder gaan. De helmen moeten op. Vanaf 100 meter onder de top rest slechts as. Het lijkt alsof we na elke 2 stappen weer 2 stappen terug glijden. De top lijkt maar niet dichterbij te komen. Monique zit helemaal stuk, zo dicht onder de top wil ze echter niet opgeven. Klauterend en kuchend, door de zwaveldampen die over de 'rim' waaien, bereiken we om 22.15 uur de top van de vulkaan. We hebben ruim een uur langer geklommen als gepland. Even onverwacht als daarstraks komt plotseling een 2e krater met donderend geweld tot leven. Deze eruptie is groter en duurt bovendien veel langer dan we tot nu toe hebben gezien. De wind draagt niet alleen de zwaveldamp uit de krater maar ook het geluid van de uitbarsting. Het laat zich niet echt vergelijken met iets anders (een trein, een raket, onweer of de branding van de zee), kortom we horen het oorverdovende gebulder van Stromboli! Zo nu en dan onttrekken zwaveldampen de vulkaan aan het oog. Het volgende ogenblik is het zo helder dat we bijna 1000 meter lager de maan weerspiegeld zien in de Tyrrheense Zee. Vanaf de slechts enkele meters brede (!) kraterrand genieten we met volle teugen van het uitzicht over de steile askegel omgeven door niets dan water, de angstaanjagende afgrond voor en achter ons en het voortdurende vulkanische spektakel 250 meter verder op. Op dit voor Europese begrippen unieke, nauwelijks bekende en nog minder bezocht plekje voelen we ons: "On top off the World!" Ondanks de vertraging blijven we een uur op de winderige 'rim'. Om 23.15 uur vind Luca het welletjes en beginnen we aan de afdaling.

6e DAG 07-08-2001 Stromboli - Milazzo

We laten het actieve deel van de Stromboli achter ons en bereiken via de oude kraterrand de zuidzijde van de vulkaan. Luca deelt hier stofkapjes uit en drukt iedereen op het hart om tijdens het 1e deel van de afdaling vooral niet te stoppen, ook niet als de schoenen vol raken met as. Op zijn teken dalen we achter elkaar met grote stappen af via een steil asveld. Gezien de grote stofwolk die we samen opwerpen zijn de stofkapjes onmisbaar. Hoewel de beklimming nog in de benen zit, kost het dalen niet veel moeite. Na elke stap glijden we er nu 1 extra naar beneden. We dalen dan ook 100den meters af in slechts 20 minuten. Na een korte stop om het as uit de schoenen te schudden 'hiken' we verder. Pas als we San Vincenzo naderen, dalen we verder af en bereiken al snel de begroeide zone op de flanken van de Stromboli. De begroeiing, die voornamelijk bestaat uit riet, wordt dichter en dichter. Terwijl we verder dalen over het diep uitgesleten pad sluit het riet zich boven onze hoofden. Het is alsof we door een groene tunnel afdalen. Af en toe zien we tussen de rietstengels door de lichtjes van dorp. Toch duurt het nog een hele tijd alvorens we de 1e huizen van San Vincenzo bereiken. Terug op het pleintje voor de kerk (00.45 uur) leveren we de helmen in en bedanken Luca.
In de disco op het plein maken we gebruik van het toilet en kopen er wat te drinken. Hoewel we er dodelijk vermoeit en erg stoffig uit moeten zien reageert niemand in de disco verbaasd. Ongetwijfeld zijn ze hier blijkbaar wel een en ander gewend. Op een bankje voor de kerk rusten we wat uit en maken plannen voor de nacht. In ons oorspronkelijke plan zouden we deze nacht op de vulkaan doorbrengen. Het is te laat om nu nog een hotelkamer te regelen. Er zit niets anders op dan vannacht ergens op een bankje in het dorpje wat te doezelen. Op het plein waait het erg hard, bovendien lopen er nog steeds bezoekers van de inmiddels gesloten disco rond. Daarom beproeven we, net als nog een paar stelletjes, ons geluk in het haventje. We doezelen om beurten wat op het ene dan weer op het andere bankje. Als we wakker zijn kijken we omhoog naar de top van de vulkaan. De top van Stromboli is inmiddels weer omgeven door wolken die zo nu en dan rood oplichten door een eruptie. We realiseren ons dat de keuze voor een 'afternoon hike' een goede was. We benijden de mensen die op de top zijn niet, zij zullen waarschijnlijk helemaal niets zien. De frisse wind in de haven doet ons besluiten nog een keer naar de kerk te wandelen. Boven bij de kerk waait het nog harder en blijkt er nog steeds bedrijvigheid te zijn. Daarom zoeken we onze favoriete bank aan de haven weer op. 5.15 uur, van slapen komt niet veel meer. De haven komt namelijk tot leven. Kraampjes worden opgebouwd en volgepropt met GBR (Goed Bedoelde Rotzooi) die ongetwijfeld verkocht wordt aan de dagjes toeristen die over enkele uren op het eiland arriveren. De 1e boot naar Millazo laten we schieten, het blijkt een langzame veerboot te zijn die pas rond het middaguur in Sicilië aan zal komen. In plaats daarvan kopen we tickets voor de snelle verbinding met de draagvleugelboot van 7.15 uur. Even later zitten we op een terrasje aan een lekkere kop cappuccino en een koek. Paul loopt nog wat rond om de tijd te doden terwijl ik nog even op 'ons' bankje ga liggen. De vergelijking met ons waterbed dringt zich op. Inmiddels komt de zon op en zet de vulkaan prachtig in het licht. Precies op tijd verschijnt de draagvleugelboot aan de horizon. Als we aan boord gaan komt er. met een laatste blik op Stromboli, een eind aan ons bezoek aan het schitterende Isola del Fuoco (Vuureiland).
Veel tijd om na te praten over de schitterende erupties van vannacht is er niet. We voelen namelijk allebei dat er een andere eruptie op komst is. Aan boord sprinten we naar het toilet: 'spetterpoep' en niet zo'n beetje ook. De rest van de tocht houden we de billen bij elkaar. Ik (Monique) heb net als in Florida last van zeeziekte. Paul slaapt overal doorheen. Het is 9.30 uur als we aanmeren in Milazzo. Volgens de informatie van de camping kunnen we om 10.10 uur met de bus terug naar de camping. Bij de bushalte blijkt echter dat de dienstregeling is aangepast en dat er pas een uur later een bus rijdt. We doden de tijd door wat te drinken en in de haven rond te kijken. Om 11.45 uur zijn we terug op de camping.
Gezien de hitte van de afgelopen dagen zetten we alleen de binnentent op. Nadat ik (Monique) even naar Tilburg heb gebeld drinken we wat op het terras aan het strand. Even later (12.15 uur) zien we de veerboot de haven binnenlopen die vanmorgen voor ons van Stromboli is vertrokken. Na een lekkere lange douche, om al het as en stof uit de poriën te spoelen, liggen we de rest van dag lekker lui op het strandje. Onze buiken rommelen en niet van de honger.
Om 20.30 gaan we eten in het restaurant aan het strand. Al na een halve pizza houdt Monique het voor gezien. Ze sprint naar het toilet als 'Montezuma's Revenge' weer toe slaat. We lezen nog wat op het terras en luisteren naar de live muziek tot we gaan slapen (22.15 uur).

7e DAG 08-08-2001 Milazzo - Acireale - Etna

Monique heeft vannacht opnieuw een aantal keren moeten sprinten om op tijd bij het toilet te zijn. Mede daarom doen we het vandaag rustig aan. In de kampwinkel kopen we wat voor het ontbijt, dat we nuttigen op het terras aan zee. Vervolgens komen de boeken weer voor de dag en komen we lekker bij van de afgelopen 2 dagen.
We breken de tent af en rijden om 12.00 uur over de snelweg via Messina terug naar het zuiden. Aan de overzijde van de Straat van Messina is het vaste land Italië duidelijk te zien. In Acireale zoeken we de camping van de eerste 2 dagen op. Als de tent staat zetten we de rustdag voort op het rotsplateau hoog boven de zee. Van tijd tot tijd sprinten we naar het toilet in verband met de diaree. In een naburig dorpje eten we een snack om de honger te stillen. Vervolgens zoeken we de rust van de camping weer op.

Om 17.30 uur rijden we via Zafferana Etnea naar de Etna. We willen dezelfde route rijden als op de 1e avond, maar nu bij daglicht. Via de bergweg, die nog steeds bedekt is met een dikke laag as, doorkruisen we prachtige lavavelden. De Etna stoot slechts witte rook uit. De vulkaan moet in de afgelopen dagen dus volledig tot rust zijn gekomen. We passeren het punt waar we 2 augustus moesten stoppen, we kunnen nu verder omhoog! De Fiat Punto moet hard werken, maar brengt ons tot op 1 kilometer van Rifugio Sapienza, het bezoekerscentrum aan de zuidzijde van de vulkaan. Omdat hier de weg afgesloten is door 'carabinieri' verwachten we dat deze ook de toeristen weg zullen houden bij de nieuwe kraters. We besluiten daarom door te rijden. Als we echter een stukje verder stoppen om een foto te maken, passeert ons een Duits echtpaar met een paar brokken lava die volledig bedekt zijn met zwavel. Dit moet dus zeer jonge lava zijn omdat de gele zwavel binnen enkele uren verdwijnt van het zwarte gesteente. Nieuwsgierig informeren we naar de herkomst van de lava. Het echtpaar verteld enthousiast dat ze op slechts 20 minuten lopen de stenen uit een nog warme lavastroom van de recente erupties hebben meegenomen. Enthousiast trekken wij de hoge schoenen aan en 'hiken' naar boven.
Op goed geluk verlaten we de weg naar het bezoekerscentrum en beginnen over de lava omhoog te klauteren. Even later bereiken we een recent gestolde lavastroom, die inderdaad nog warm blijkt te zijn. Deze blijkt afkomstig uit één van de 5 nieuwe kraters op de flanken van de Etna die rechts voor ons ligt. Uit de kratermond stijgt voortdurend witte rook op. Terwijl we naar de nieuwe krater klimmen, ontsnappen overal fumarolen aan de lava om ons heen. Omdat het nieuwe gesteente warmer wordt naarmate we de krater naderen, concluderen we dat de nieuwe askegel nog steeds erg heet moet zijn. Even later blijkt dat deze letterlijk gloeiend heet is als we de lava, in de geul waardoor deze uit de nieuwe kratermond is gestroomd, rood zien opgloeien. We genieten met volle teugen van het fantastische panorama op de dampende askegel en de gloeiende lava. Enkele toeristen kunnen het niet laten en wagen zich in de buurt van de geul met gloeiende lava. Het geeft ons een goede indruk van de enorme afmetingen van de askegel die hier in de afgelopen weken is ontstaan. Vanaf deze hoogte zien we de wolken die de Etna uitstoot tot ver boven de Middellandse Zee hangen. Ze lichten rood op in de ondergaande zon. Het wordt langzaam donker. De roodgloeiende lava in de geul licht steeds meer op nu deze niet mee wordt overstraalt door het daglicht. Het maakt het uitzicht nog imposanter. Zo nu en dan horen we wanden van de geul met donderend geraas instorten. De nieuwe askegel blijkt nog erg instabiel. Tevergeefs probeert een agent daarom toeristen tegen te houden die aangetrokken door de roodgloeiende lava naar boven klauteren. Wij besluiten zijn werk niet nog moeilijker te maken omdat we het onverantwoord vinden om verder te klimmen. Omdat Monique het koud krijgt gaan we op de warme lava zitten. Hier genieten we van de Etna tot het donker is en het tijd wordt om te vertrekken. Met tegenzin verlaten we het lavaveld met de dampende krater. Zonder zaklamp dalen we voorzichtig af en 'hiken' terug naar de Punto.
Via Nicolosi rijden we terug naar Acireale. Onderweg stoppen we opnieuw bij het restaurantje waar we de 1e avond gegeten hebben. Op woensdag blijkt er alleen pizza op het menu te staan. Als na een halve pizza onze darmen alweer protesteren, rekenen we af en rijden door naar de camping. Hier komen we tot de ontdekking dat we door onze voorraad toiletpapier heen zijn. Met de laatste papieren zakdoekjes zoeken we het toilet op en gaan vervolgens met de billen bij elkaar slapen.

172 Kilometers

8e DAG 09-08-2001 Acireale - Etna - Catania - Amsterdam - Tilburg

Cover van de National Geographic Nederland-België
Omdat het tekort aan toiletpapier 'nijpend' blijft, zitten we al voor 9.00 uur op het terras bij de 'kampwinkel' te wachten tot deze opent. Opgelucht beginnen we even later aan het ontbijt. Om 12.00 uur is alles ingepakt.
Een Duits gezin vertelde ons, gisteravond op de terugweg naar de auto, dat de politie vandaag de weg naar het skicentrum boven Nicolosi vrij zou geven. Benieuwd naar wat we daar aan zullen treffen, rijden we voor de laatste keer omhoog langs de flanken van de Etna. Onderweg passeren we de plaatsen waar we de 1e avonden de erupties hebben bekeken. Vlak voor het skicentrum bereiken we een grote parkeerplaats. Hier is een basiskamp opgetrokken voor de vele reddingswerkers. Zij hebben met gedeeld succes een aantal weken hard gewerkt om het skicentrum te redden door de gloeiende lavastromen om te leiden. We worden hier tot stoppen gemaand door een politieagent. Hij maakt ons met veel moeite duidelijk dat we het skicentrum slechts per bus kunnen bezoeken. De auto moet hier achter blijven. We besluiten niet te gaan en in plaats daarvan in het restaurant bij de parkeerplaats wat te drinken. Op het terras zitten naast Amerikaanse toeristen, die klagen dat ze niets van de uitbarstingen gezien hebben, reddingswerkers een ijsje te eten. Na een koude cola wordt het langzaam tijd Catania weer op te zoeken.
Het verkeer blijkt een ramp in de smerige stad, die terecht 'de zwarte dochter van de Etna' wordt genoemd. Door het vele eenrichtingsverkeer en de drukte in stad zijn we al snel de weg kwijt. Belangrijker is dat het een hele tijd duurt voor we hem terug vinden. Uiteindelijk parkeren we de auto vlakbij het Piazza Duomo, een plein in barok steil. Centraal op het plein staat de Olifantenfontein, het symbool van Catania. In de 17e eeuw legde een eruptie de stad in puin. De bouwmeester van de stad, Vaccarini, ontdekte in het puin een olifant en een obelisk waarmee hij de fontein bouwde. De Olifantenfontein en het plein worden omgeven door het stadhuis, Palazzo degli Elefanti, het Palazzo del Seminario en de Duomo. Op een terrasje op het 'piazza' eten we een hapje.
Net als elke stad zijn we ook Catania snel beu en rijden daarom door naar vliegveld Tontanarossa. Hier leveren we om 16.00 uur de huurauto in met 845 kilometer meer op de teller dan 8 dagen geleden. Als het inchecken achter de rug is begint het lange wachten. De verveling wordt regelmatig onderbroken door een sprintje naar het toilet, het blijkt ditmaal een erg hardnekkige vorm van reizigersdiarree.
Als we aan boord gaan van de Boeing van Transavia blijkt dat er ditmaal helaas iets misgegaan is met de reservering van extra beenruimte. Gelukkig is het een kort vluchtje. Om 19.15 uur vertrekken we, keurig op tijd. Na een rustige vlucht landen we 3 uur later in Nederland. Een halfuur (!) na de landing staan we al met de bagage op lang parkeren. Even later rijden we in de stromende regen, zoals inmiddels gebruikelijk na onze laatste reizen, terug naar Brabant. Vanuit de auto bellen we even naar de familie (22.45 uur) om door te geven dat we onderweg zijn. Rond middernacht zijn we thuis. Terug van een trip waarin de lang gekoesterde wens in vervulling is gegaan om van dichtbij een actieve vulkaan te bekijken. Het imponerende natuurgeweld van de vulkanen was voor ons een indrukwekkende (reis)ervaring die we niet snel zullen vergeten.

120 Kilometers



HomeDagaanbiedingenAutohuurHotelsKortingsactiesVakantiehuizenVakantieparkenVliegtickets ReisverhalenLandeninformatieHelp