Maandag 12 december 1994
Het mooie weer houdt aan en dat is een goede reden om vandaag een auto te huren. Voor 4000 peseta's (ongeveer 56 gulden) kunnen we een Renault 5 kilometervrij huren. De fietsen passen met enige moeite achterin en om elf uur vertrekken we uit Playa richting het Teide gebied. Het plan is om vandaag de top van de Teide te gaan bezoeken en daarna door te rijden om nog wat van het Anaga gebergte te verkennen. Om twaalf uur bereiken we de parkeerplaats aan de voet van de Teide waarna een kabelbaan ons naar 160 meter onder de top brengt. Helaas is het niet mogelijk om de echte top te bezoeken, maar gelukkig is het helder weer. Vanaf de top is het uitzicht gigantisch. De enorme kraterrand, de vulkaanstromen van diverse uitbarstingen en de verschillende andere eilanden van het archipel zijn goed te zien. Precies boven Gomera hangt een vreemd wolkendek, de twee Caldera's van La Palma zijn duidelijk herkenbaar en Gran Canaria is ook te zien. We kunnen zelfs het kleine eiland El Hierro nog herkennen. Tijdens het lopen is de ijle lucht duidelijk merkbaar, te snel lopen wordt direct afgestraft door kortademigheid.
Na een uur moeten we helaas weer naar beneden en daarna rijden we met de huurauto richting La Laguna. De weg volgt de kam van het gebergte en is schitterend. Zowel links als rechts van de kam hebben we een gigantisch uitzicht. We passeren een sterrenwacht en een bocht met vreemd gelaagde lavastromen. In het bos begint de weg te dalen en na vele bochten passeren we het beruchte vliegveld bij La Laguna waar in 1977 een KLM Boeing 747 in botsing kwam met een Pan Am Boeing 747. Dit vliegveld wordt nu vanwege het wisselvallige weer slechts voor binnenlandse vluchten gebruikt. Het klimaat in dit gedeelte van Tenerife wijkt volledig af van dat in het zuidwesten bij Playa de las Americas. Het is koud (ongeveer 16 graden) en bewolkt.

Bij Las Mercedes parkeren we de auto en stappen warm gekleed op de fiets. De klim loopt een groot stuk door een parkachtig cederbos, waarbij we enkele malen een mooi doorkijkje hebben naar de ruige pieken van het Anaga-gebergte. De toppen van de bergen reiken slechts tot een hoogte van 1500 meter maar door de gigantisch steile afgronden heeft het gebergte een zeer woest karakter. De stijgingspercentages van de klim zijn zeer vriendelijk en al snel bereiken we het hoogste punt op 1200 meter. De volgende kilometers blijven we op hoogte en volgen de kam van het gebergte, waardoor we kunnen genieten van fantastische panorama's. Na het uitzichtspunt bij El Bailadero dalen we af naar de kust bij San Andres via een schitterend kronkelende weg. Na San Andres volgen we de vierbaans boulevard tot aan Santa Cruz, de hoofdstad van Tenerife. Deze stad heeft het karakter van een metropool: vierbaanswegen, industrie, torenflats, arme wijken, een dichte bevolking en een gigantische verkeersstroom. Even heb ik het gevoel dat ik in een andere wereld terecht ben gekomen. Na vele kilometers door de stad te hebben afgelegd begint het donker te worden. In La Laguna kunnen we gelukkig snel de goede weg terug vinden en staan we om zeven uur weer bij de auto. Met de auto raken we verstrikt in de verkeerschaos bij La Laguna. De smalle stegen zijn voornamelijk eenrichtingswegen en de ANWB zou hier met wegwijzers nog heel wat werk kunnen verrichten. Uiteindelijk belanden we op de snelweg waarna we om half negen bij het appartement aankomen. Ondanks het late tijdstip eten we deze dag buiten. Bij een Italiaan krijgen we een menu voor 795 peseta's (12 gulden).
Dinsdag 13 december 1994
Na twee rustige dagen is het vandaag weer tijd om er eens flink er tegen aan te gaan. Ons doel is een rondje van 140 kilometer richting het Tenogebergte. In een beschrijving uit een artikel gepubliceerd in het blad Fiets blijkt dat er een zeer venijnige klim in de route zit, waarbij de auteur waarschuwt voor een stuk met vreselijke stijgingspercentages. Onze aandacht is daarmee meteen gewekt en we moeten die klim fietsen.
In het begin van de route dalen we af naar het dorpje Alcala. Bij Los Gigantes hebben we een mooi uitzicht op de gigantisch loodrechte klifrotsen. In dit plaatsje begint de eerste klim naar Puerto de Erjos. De eerste kilometers rijden we tussen kassen met bananen aanplant over een bochtig weggetje omhoog.
In Tamaimo halverwege de klim houden we een pauze en genieten we van heerlijke op appelmoes lijkende appelsap. Na dit plaatsje wordt de natuur ruiger, op oude lavastromen tieren vele cactussen welig.
Na Santiago is het zwaarste gedeelte van de klim voorbij en kruipt de weg naar een hoogte van 1117 meter. Na de pas dalen we langzaam af naar Icod. We zoeken vergeefs naar de oude Drakenboom (Drago Millenario) en pauzeren om half vier bij het zwarte zandstrandje van San Marco. Daarna volgt een kustweg met aardige plaatsjes zoals Garachico en Los Silos met een heus kasseienstrookje. Het Tenogebergte oogt zeer woest, maar als we om half vijf het dal van El Palmar inslaan valt de lieflijke en vrij vlakke vallei toch een beetje tegen. De weg is vooral in de bochten aardig steil, maar het beloofde steile stuk krijgen we nog niet te zien. Bij El Palmar fietsen we langs een vreemde berg waaruit enkele hoeken zijn afgegraven.
De laatste kilometers zijn vrij vlak waarbij de weg uit de rotswand lijkt te zijn uitgehakt. Op de top van de pas krijgen we een mooi uitzicht op een diepe Barranco en de zee. Na een korte afdaling stijgt de weg even waarna zich een prachtig panorama ontvouwt op het bergdorpje Masca. De nauwe barranco, de witte huisjes, het slingerende voetpad, de gigantische bergen en de ondergaande zon geven het landschap iets spectaculairs. Na een langere afdaling staan we aan de rand van het dorp en aan de voet van de zware klim. De auteur van het artikel heeft niets te veel gezegd, de klim is echt een beest en lijkt sprekend op de klim naar de Drei Zinnen in de Dolomieten: kort, slechts vier kilometer lang maar super steil.
Op enkele momenten ben ik blij dat ik op de fiets kan blijven. Het lijkt wel op de muur van Huy maar dan vijf keer zo lang! De snelheid loopt soms zelfs terug naar 5 kilometer per uur en ik heb moeite om niet het voorwiel van de grond te tillen. De weg is slechts een auto breed met witte markeringssteentjes langs de afgrond. De vele auto's rijden behoedzaam over het smalle strookje asfalt.
De haarspeldbochten zijn een leuke afwisseling voor de steile stukken. Als je energie over hebt neem je de steile binnenbocht en als je vermoeid bent kan je de vlakke buitenbocht nemen. Na ruim een half uur sta ik boven op de pas.
De klim heeft veel meer tijd heeft gekost dan verwacht, omdat de kaart verkeerde informatie gaf, waardoor de klim tien kilometer en dus een uur langer heeft geduurd. Het is al half zeven en de zon is inmiddels onder gegaan. De volle maan en mijn dynamo geven echter nog voldoende licht om te fietsen. Bij de laatste dertig kilometers kiezen we de snelste, maar vrij drukke rondweg. Gelukkig is het alleen nog maar afdalen, maar de twee onverlichte tunneltjes zijn toch vervelend. Bij de laatste kilometers naar Playa de las Americas steekt de wind weer op en heb ik af en toe het gevoel dat ik de berm in word gesmeten. Om acht uur komen we na deze monstertocht op het appartement aan, waarbij we net genoeg energie hebben om eten te koken.

