Ons volgende reisdoel is het Red Rock State Park, ook weer gesitueerd rond de Oak
Creek. Het rode, gravelachtige gesteente, dat zo kenmerkend is voor Sedona en omgeving,
bepaalt hier het beeld. De Oak Creek ligt aan de voet van een imposante, torenhoge
rotsformatie. De weerspiegeling ervan in het water levert schilderachtige taferelen op.
Sedona en omgeving geniet niet zoveel bekendheid, maar is beslist de moeite waard. Bij
Carls Jr. doen we ons tegoed aan een Super Star: een dubbele hamburger met een hoog
McDonalds-gehalte.
Flagstaff - Kayenta
Zaterdag 22 mei 1999
Het wordt een lange en inspannende dag. Al om acht uur keren we
Flagstaff de rug toe. We rijden naar het oosten. Bij Holbrook verlaten we de I-40 voor een
bezoek aan het Petrified Forest. We rijden door een zeer grillig landschap met
rotsmassieven, heuvels en tafelbergen. Het ligt bezaaid met versteende houtresten. De
natuur heeft hier flink huis gehouden met een proces dat in geologisch jargon petrificatie
heet. Aan de noordkant sluit het Petrified Forest aan op de Painted Desert. Deze strekt
zich uit tot aan de Grand Canyon. Vooral aan deze kant openbaart de gekleurde
woestijn zich in al haar schoonheid. De kleurenschakeringen zijn een gevolg van de
chemische bodemgesteldheid. Met de stand van de zon varieert ook het schouwspel dat zich
voor onze ogen voltrekt. De Painted Desert brengt ons terug op de I-40 en we vervolgen
onze weg naar de Canyon de Chelly (spreek uit: de-sjee).
We hebben in de afgelopen dagen al het nodige aan pracht en praal voor onze
natuurminnende kiezen gehad, maar Canyon de Chelly voegt er een nieuwe dimensie aan toe.
Het is een kleine, compacte canyon met de restanten van de indiaanse Anazasi-cultuur
(rotswoningen). Canyon de Chelly is niet zo immens als de Grand Canyon, maar veel knusser
en overzichtelijker. Het is een schot in de roos. We bevinden ons nu in de Indian County,
het gebied van de indianen. In de verte pakken donkere wolken zich samen, maar de drie
druppels regen in Canyon de Chelly kunnen de pret niet drukken. Onderweg naar Kayenta
verandert het landschap voortdurend van kleur. Her en der rijzen metershoge monolieten op
uit het grasland. Van het ene op het andere moment maakt de vegetatie plaats voor rood,
gravelachtig zand met bizarre rotsformaties. Tegen de avond rijden we Kayenta binnen. Aan
motels heeft Amerika geen gebrek. De goedkope franchiseketens concurreren elkaar het graf
in, maar op deze zaterdagavond is in Kayenta geen betaalbaar onderkomen meer te vinden.
Het Best Western is helemaal volgeboekt, waardoor we noodgedwongen uitwijken naar het
peperdure Holiday Inn. Om de pijn enigszins te verzachten dineren we bij Burger King.
Kayenta - Monticello
Zondag 23 mei 1999
Het Navajo National Monument is ons eerste
reisdoel. In alle vroegte melden we ons aan voor de Betatakin Cliff Dwelling Hike, een
stevige wandeltocht onder begeleiding van een ranger naar een originele indiaanse ruïne.
Helaas zijn we vijf dagen te vroeg, want de tochten naar Betatakin beginnen pas op 28 mei.
Ter compensatie doen we de Sandal Trail (alleen voor pantoffelhelden?) die leidt naar het
uitkijkpunt van waaruit we de Betatakin-ruïne in de verte kunnen waarnemen. We krijgen de
smaak te pakken en doen de Aspen trail met een hoogteverschil van 90 meter er achteraan.
Ruim één uur en drie kilometer verder wanen we ons volleerde hikers. Tevergeefs
gaan we op zoek naar een t-shirt: "I hiked Sandal & Aspen."

Via het langzaam ontwakende Kayenta gaan we op weg naar Monument Valley, het decor van
vele Western-films. Op de grens van Arizona en Utah ligt het National Monument. We rijden
een tocht van 17 mijl over een onverharde weg door Monument Valley. We zijn op onze hoede,
want elk ogenblik kan een outlaw of andere onverlaat ons pad kruisen.
Net
als gisteren begon de dag stralend maar worden we in de loop van de ochtend met bewolking
geconfronteerd. In Monument Valley trekt het onweer nog over, maar onderweg naar
Monticello wordt het onheilspellend donker. De schade blijft beperkt tot veel dreiging en
wat onbetekenende regenbuitjes. Ter hoogte van de Valley of the Gods zijn we er evenwel
getuige van hoe de Godenvallei een plaatselijke onweersbui te verwerken krijgt. We
vervolgen onze weg over een zeer steile, onverharde bergweg met talloze haarspeldbochten.
Terwijl de wind vrij spel heeft, begeven we ons behoedzaam naar boven. Het Best Western
Motel in Monticello vinden we snel. Monticello is bepaald geen plaats om over naar huis te
schrijven. Het is vooral een doorvoerhaven voor reizigers en vrachtwagenchauffeurs.
Monticello betekent een streep door onze rekening. We hadden gepland om in Moab te
overnachten, maar daar was alles volgeboekt. Een tegenvaller, want Moab is de ideale
uitvalsbasis voor Arches en Canyonlands. Vanuit Monticello is Arches geen haalbare kaart,
maar we benutten de namiddag voor een trip naar The Needles aan de zuidoostkant van
Canyonlands.
Het is
koud en het weer voorspelt weinig goeds, maar de ontberingen wegen niet op tegen de
beloning die Canyonlands heet. The Needles verenigt zon beetje alles wat we tot nu
toe aan natuurschoon hebben gezien. Terwijl het weer opklaart, verbazen we ons over de
enorme verscheidenheid aan vergezichten die dit parklandschap te bieden heeft. Canyonlands
valt uiteen in drie gedeelten. Wij komen vandaag niet verder dan The Needles. Island in
the Sky in het noorden (bij Moab) en het onherbergzame The Maze in het westen moeten we
jammer genoeg aan ons voorbij laten gaan. Het is al laat als we terugkeren in het
uitgestorven Monticello. Bovendien telt dit etmaal maar 23 uur door het tijdverschil
tussen Arizona en Utah. We maken het onszelf makkelijk met een snelle hap in een goedkoop,
ongezellig restaurant.
Monticello - Bryce Canyon
Maandag 24 mei 1999
De dag begint opnieuw veelbelovend. Dat is een
prettige bijkomstigheid, want we hebben een lange verplaatsing voor de boeg. Arches moeten
we jammer genoeg laten voor wat het is, maar met Natural Bridges denken we een redelijk
alternatief te hebben gevonden. Dat valt tegen. De drie grote, natuurlijk gevormde bruggen
zijn alleszins de moeite waard, maar toch steekt Natural Bridges wat schril af tegen de
bezienswaardigheden die andere parken te bieden hebben. Arches blijft een gemiste kans. We
rijden door naar Capitol Reef. Onderweg passeren we de Glen Canyon, een nationaal
recreatiegebied voor watersporters. Het is er onbehaaglijk warm. Via Hanksville bereiken
we Capitol Reef. Wederom een prachtig park. Aardig zijn de petrogliefen of rotsinscripties
van de indianen. De mormonen stichtten ooit een leefgemeenschap in Capitol Reef. We
bezichtigen een schooltje van één lokaal waar ooit een 14-jarige onderwijzeres haar
pupillen lesjes leerde. In het dal getuigen de boomgaarden van de fruitteelt die de
mormonen ooit bedreven. Het gehucht met de toepasselijke naam Fruita is de Betuwe in het
klein. Capitol Reef is berucht om de levensgevaarlijke waterstromen die er plotseling
kunnen ontstaan. Vooral in de nazomer en in de herfst kan een enkel onweersbuitje een
vernietigende vloedgolf teweeg brengen. De waarschuwingen laten niets aan duidelijkheid te
wensen over: betreden op eigen risico. Hoewel het park er kurkdroog bij ligt, valt goed
waar te nemen dat Capitol Reef in korte tijd een enorme watermassa kan verwerken. De dag
na zon vloedgolf duidt niets meer op het geleden leed.
Laat in de namiddag rijden we via de 12 naar Bryce Canyon. We willen voortmaken
om de zonsondergang mee te kunnen maken, maar de 12 leent zich niet voor haastige spoed.
Vooral in het eerste stuk, ongeveer tot Escalante, vallen we van de ene verbazing in de
andere. Het is een prachtige tocht over pieken en door dalen met fantastische vergezichten
en een voortdurend wisselend landschap. De flora en fauna laten zich van hun beste kant
zien. We stijgen tot grote hoogte en dat is te merken aan de temperatuur. We stuiten zelfs
op de laatste sneeuwresten die weldra aan de dooi ten prooi zullen vallen. De pracht en
praal van de 12 houdt enorm op. Pas na acht uur bereiken we Bryce. Juist op tijd om de
zonsondergang mee te maken. We overnachten buiten het park in Bryce Canyon Western Town,
een motel dat het aanzien heeft van een heus Westernstadje. Er is een Town Hall, een bank
en een Social Hall. Wij slapen in het Town Square. We eten een hapje in het restaurant
waar een Frans reisgezelschap de boventoon voert. We vragen om een wake up-call om 5.45
uur. Volgens ingewijden mogen we de zonsopgang in Bryce beslist niet missen.
Bryce Canyon - Hurricane
Dinsdag 25 mei 1999
The Longest Day. We staan op bij het ochtendgloren. Het heeft vannacht een paar
graden gevroren. Provisorisch krabben we het ijs van de autoruit. De 17 mijl naar Bryce
slechten we in een minuut of twintig, juist op tijd om getuige te zijn van de zonsopgang.
Enkele tientallen doordouwers trotseren de vrieskou. We komen bedrogen uit, want de
bewolking boort ons het voorgespiegelde kleurenspektakel door de neus. We keren terug naar
Western Town voor het ontbijt. We vertoeven de rest van de ochtend in Bryce. In de
afgelopen drie dagen hebben we een kleine 1000 mijl afgelegd. Vandaag doen we het wat
rustiger aan. We neuzen wat rond in Old Bryce Canyon, we lopen de korte Bristlecane Loop
Trail en pakken alle bezichtigingspunten mee. Bryce Canyon staat bekend om de Pink Cliffs,
grillige kalksteenformaties in nuances van roze en wit. Concentraties van ijzer- en
mangaanoxide geven de wonderlijke structuren een veelkleurig aanzien. s Middags
zetten we koers naar Cedar Breaks. Op de 14 licht het lampje van de brandstofmeter op en
dus leggen we aan in Duck Creek Village. De plaatselijke benzinepomp fungeert tevens als
supermarkt en verhuurt quads en sneeuwscooters. Al snel blijkt waarom. Cedar Breaks ligt
op meer dan drie kilometer hoogte en op sommige plaatsen ligt de sneeuw meer dan een meter
hoog. Vermoedelijk zijn de wegen nog maar net begaanbaar. De regenbui die ons al vanaf
Duck Creek parten speelt, verandert in natte sneeuw. Cedar Breaks is een klein, onbekend
park dat zich niet kan meten met de grote buren Bryce en Zion. Het vertoont de meeste
gelijkenis met Bryce vanwege de aparte oranje-roze rotsformaties. Cedar Breaks ligt er
eind mei nog verlaten bij. Vier senioren bereiden zich met ijsmutsen voor op een
wandeltocht, maar wij zijn de enigen die de Scenic Drive rijden. Veel tijd om de
besneeuwde uitkijkpunten te bezichtigen, gunnen we ons niet. De kou snijdt ons om de oren.
Om de Chessmens Ridge Overlook te bereiken, banen we ons een weg door een pak sneeuw dat
tot onze knieën reikt
We laten Cedar Breaks achter ons en rijden verder. Tijdens de afdaling staan we
plotseling oog in oog met een ree die harder schrikt van ons dan andersom. Met doodsangst
in de ogen maakt het dier zich uit de voeten maar in de haast struikelt het over de eigen,
ranke poten. Gelukkig staat het beest weer op en vlucht terug de bossen in. In Cedar City
halen we geld uit de muur bij de drive inn-bank en via de I-15 gaat het naar Zion. De
Kolob Canyons vormen in het noordwesten het achterland van het park. Qua natuurschoon zijn
we inmiddels al heel wat gewend en dus verwend. De Kolob Canyons kunnen ons niet bekoren.
Wie geen hiking op het programma heeft staan, kan zijn heil beter elders zoeken.
Waarschijnlijk komen we morgen in het centrale deel van Zion beter aan onze trekken. We
overnachten in Motel 6 te Hurricane. Onze kamer is uitgerust met koelkast, aanrecht, oven,
magnetron en het nodige keukengerei. Het motel beschikt tevens over een laundry,
dus eindelijk kunnen we onze vuile was buiten hangen. We eten redelijk bij J&Bs
tegenover het motel.