|
Deel 1: Amsterdam - Moskou
De monitor van het KLM vliegtuig geeft precies aan boven welke stad van welk land je
vliegt. De stewardessen sloven zich voor je uit: veel eten en lekkere drankjes. Een luxer
begin van de reis kun je je niet voorstellen. Hoe zou dat in Rusland zijn, vragen wij ons
af als we onze meegenomen boekjes doorlezen. Voor je het weet vlieg je boven Rusland.
Ongeveer een uur voor we in Moskou aankomen delen stewardessen formulieren uit. Tijd voor
het invullen van de eerste douane papieren. In t Russisch en slecht
vertaald Engels worden allerlei dingen aan je gevraagd. Vooral de vragen over wat je aan
valuta bij je hebt zijn onduidelijk. En zelfs voor de stewardessen blijkt het abracadabra
te zijn. Een Belgische dame achter ons zit luid mopperend met hetzelfde probleem:
"Onduidelijk hé, wat vulde gij daar in?" We proberen de grensgruwel-verhalen
met lange wachttijden en onvriendelijke grensbewakers te verdringen en besluiten dus maar
te zien hoe het verloopt. Eenmaal uit het vliegtuig schuiven we aan in de rij voor
niet-Russen. Een norse dame in uniform plaatst vele stempels in paspoort, visum en andere
papieren zonder ook maar een spier in het gelaat te bewegen. Met een enkel gebaar wijst ze
naar de volgende douanebeambte: controle van de bagage. Maar ook hier blijkt de
ingeboezemde angst niet nodig geweest. De douanier is druk bezig met een mafioso uitziende
Rus. Gekleed in Gaultier en met veel goud om nek en pols maakt hij zich behoorlijk
verdacht. Geluk voor ons en niks uren wachten dus, we kunnen zo doorlopen naar de grote
ontvangsthal, druk sjouwend met de vele bagage op zoek naar het bordje van onze
reisorganisatie. Een vriendelijk uitziende vrouw, klein en gekleed in smoezelig en
versleten jaren vijftig kunststof mantelpakje houdt een gekreukeld papiertje boven haar
hoofd: Tiara Tours. We maken kennis met de rest van de groep die dezelfde reis hebben
geboekt, én met de gids dus die zichzelf Jane noemt. Wij besluiten dat Jana beter bij
haar past. Handen schudden, namen, beroep en andere informatie zoals woonplaatsen
uitwisselen. Jana spreekt vriendelijk en kordaat de groep toe. Een middelgrote, vooral
versleten, bus van Russische makelij brengt ons vervolgens van vliegveld naar hotel. De
bus is voor nog geen derde deel gevuld want de groep is klein, maar deze extra ruimte is
niet erg want de rit door Moskou is lang. We rijden langs grote gebouwen, door brede
straten (hoewel Jana ze smal noemt); kenmerkend is de 'oostblok'-sfeer zoals we die
aantreffen in Polen, Tsjechië, Hongarije. Jana is meteen in haar rol als gids geschoten
en vuurt een enorme hoeveelheid informatie door de gebrekkige luidsprekers de bus in. Ze
doet haar best het Engels zo verstaanbaar mogelijk te maken maar het blijft met een zwaar
Russisch accent. Dit geeft haar iets schattigs, iets sympathieks. Ieder is in opperbeste
stemming, vol energie en gespannen voor wat er allemaal komen gaat. Gretig aanschouwen we
de zo andere cultuur en gebruiken. Wat eigenlijk nog het meest opvalt aan Moskou zijn de
immense oude gebouwen. Vele worden momenteel gerenoveerd. Jammer eigenlijk want door deze
'under construction', zoals Jana het verwoordt, blijven vele van de prachtige
staatsgebouwen, zoals stadhuis en danstheater, voor het oog verstoken door de stalen
frames van de steigers.
Hotel op stelten. Op een goed moment slaat de bus de bocht om. Voor de grap zeg ik dat
de drie imponerende maar tegelijkertijd kille flats die aan de linkerzijde van de bus
opdoemen, ons hotel wel zal zijn. Direct daarna meldt de gids door de interkom dat we bij
ons hotel aangekomen zijn. Met achtentwintig etages behoort dit tot een van Moskou's
hoogste gehouwen, wij slapen op de tweeëntwintigste verdieping. Het zijn flats die dienst
hadden moeten doen als huisvesting voor de atleten en dergelijke toen de olympische spelen
in Moskou zouden plaatsvinden. Afgelast vanwege politieke toestanden. Van de buitenkant
beoordeeld hadden we ons wel een ietwat romantischer hotelletje voorgesteld. Maar eenmaal
binnen worden we dubbel en dwars verwend met een ouderwets jaren 70 interieur. De
lobby oogt très decadent (let wel: dit is nog steeds Moskou). Ja, zelfs naar westerse
maatstaven zijn de meeste van de hotelbewoners, aan het gelaat te zien duidelijk
autochtonen, sjiek gekleed. Een korte introduktie in het hotel van de gids volgt: gang van
zaken, wie waar hoe laat dient te zijn voor excursies. Eerste afspraak die gemaakt moet
worden is om 6u30: het avondeten ('Suppa'). Wij krijgen de sleutel van onze hotelkamer
uitgereikt, terwijl Jana nog even iets moet regelen. Ze heeft ineens een bedenkelijk
serieus gezicht en spreekt ons in alle eerlijkheid toe: "Now I have to fight for your
food!" Daarna hebben we onze gids niet meer gezien. Benieuwd naar de ontwikkelingen
rondom het serieuze gezicht en het avondeten gaan we een uur later op zoek naar de
eetzaal. Dat blijkt ingewikkelder dan verwacht maar na een fikse verkenningstocht door het
hotel hebben we een ruimte aangetroffen waar men een groep van onze grootte verwacht. Aan
het einde van de zaal oefenen enkele jonge dansers en danseressen met westers klinkende
muziek danspasjes in. De zaal is, op ons na, compleet leeg. Krachtpatsers nemen de
aandacht over door een indrukwekkende act met grote en zwaar uitziende ballen op te
voeren. Wij klappen, maar de gelaatspieren blijven strak, geen emotie bij de artiesten.
Wij konden toen nog niet weten dat dit de meest geziene gelaatsuitdrukking in Rusland is.
Strak, geen emotie, hooguit wat sjagrijnig. De act is lang en breed afgelopen als wij aan
onze tafel alleen nog maar wat salade uitgestald hebben staan. En net als we denken dat
dit HET was, en we wel een heel hongerige nacht tegemoet zullen gaan, worden grote borden
met kip, friet, erwten, en augurk de eetzaal binnen gedragen. De groep slaakt een
collectieve zucht van verlichting, gejoel en applaus volgt voor de obers. Weer geen spier
in het gelaat dat gehoor geeft aan onze blijdschap. Tijdens het eten, wat overigens
heerlijk smaakt, realiseren wij ons dat we in het Hollandse toch ernstig verwend zijn.
Moskou by night.
's Avonds is een kennis van een reisgenoot uit ons gezelschap gearriveerd.
Spontaan biedt hij ons aan Moskou by night te laten zien. Dat laten wij ons
geen twee keer aanbieden: graag! Het dichtst bij zijnde metrostation ligt op tweehonderd
meter lopen (1500 roebel, ongeveer 50ct voor onbeperkt reizen, mits je niet tussentijds
door de poortjes naar buiten doorgaat) en brengt ons allereerst naar een wijk in de buurt
van het Rode Plein. Eerst lopen we nog door wat straten waar vooral grote en mooi
opgeknapte gebouwen staan. Ook hiervan worden er weer vele gerenoveerd. Gek dat er in een
failliet land zoveel wordt opgeknapt. Het NRC dat ik van thuis had meegenomen meldde dat
Rusland bij 't overheidspersoneel zo'n drie maanden achterstallig salaris had. Marc is
journalist en vertaler en spreekt erg open. Hij vertelt dat een vriend van hem zelfs al 7
maanden geen salaris had gekregen. Hoe dan te verklaren dat al die monumentale immense
gebouwen opgekalefaterd kunnen worden? Enthousiast legt hij uit terwijl we verder
slenteren: "veelal westerse bedrijven kopen uit belegging de gebouwen op, restaureren
en moderniseren deze en worden vervolgens in gebruik genomen voor speculatieve doeleinden
zoals winkels, banken, etc." Bovendien lobbiet de Moskouse burgemeester Joeri
Michajlovitsj Loezjkov er lustig op los en krijgt veel sponsorgeld uit het bedrijfsleven
los om dat vervolgens weer te gebruiken voor de wederopbouw. Wat er uiteindelijk in de
winkels verkocht kan worden blijft logischerwijs een raadsel want de gemiddelde Rus
verdient zo'n 150 gulden per maand, meldt Mark. Elk westers produkt dat hier dus straks te
koop wordt aangeboden zal te duur zijn voor de meeste autochtonen. Het blikje drinken dat
ik zojuist bij een kraampje gekocht heb en gulzig achterover geslokt had, kostte drie
gulden. Dat is dus wat een Rus gemiddeld voor een halve dag hard werken verdient. Al
slenterend komen we nu echt op het Rode Plein aan. Het is een beetje een onwezenlijk
sfeertje: schemering, weinig mensen te bekennen op straat. Een enkel verliefd stelletje en
wat Japanse toeristen daargelaten. En ineens sta je pal naast de beroemde Vassili
Kathedraal die we allemaal kennen van de journaalbeelden en krantenfoto's: de Russische
correspondent uit Moskou. Pal naast deze kathedraal bevindt zich het Lebnoe Mesto. Een
inmiddels vervallen platformpje van ongeveer 5 meter doorsnee. Hierop vonden eens de door
het volk bij te wonen executies plaats. Ook werden hiervandaan de besluiten van de tsaar
meegedeeld aan het volk. De kathedraal oogt kleiner dan de plaatjes en beelden deden
lijken. We slenteren verder de avond door met vele oh's en ah's. De glorie van glasnost
ebt langzaam weg als we in een andere wijk in lopen; westerse neonreclames promoten
produkten die de meeste Moskovieten van hun leven lang niet zullen kunnen veroorloven. Na
het drinken van enkele wodka's in een gezellig barretje, begeven we ons terug naar het
hotel, uiteraard met de metro. We vallen weer van de ene esthetische verbazing in de
andere. Alle stations van deze wereldberoemde ondergrondse zijn even mooi. Prachtige met
marmer afgewerkte wanden en druk pleisterwerk versieren de plafonds. In sommige stations
is weer ander karateristiek materiaal gebruikt zoals bijvoorbeeld: koper, bronzen beelden,
glas in lood ramen. Ik vraag aan Mark of het klopt wat de touristenboekjes vermelden dat
het diep gelegen gangenstelsel als schuilkelder voor atoomaanvallen moesten dienen. Hier
wist de energieke gids, stug doorlopend van het ene niveau, via houten roltrappen, naar
een dieper gelegen niveau, niet van. Wel dat sommige gangen met kolossale deuren (1/2
meter dik, 5 meter breed, 4 meter hoog) konden worden afgesloten tegen gas of
bacteriologische aanvallen. Nu doen deze deuren dienst om zwervers buiten te houden en
gaan dus ook gewoon elke avond dicht. Toen we na anderhalf uur metro-en in de halte bij
ons hotel aankwamen waren schoonmaakploegen in volle hevigheid bezig de boel schoon te
maken. Verbaasd over de schoonmaakwerkzaamheden en het feit dat er geen metro's meer
reden; we waren de tijd vergeten en hadden zonder dat we ons dat realiseerden, de laatste
rit van vandaag benut om weer bij ons hotel te komen. De deuren sloten zich achter ons.
Uitgeput van de eerste dag zoekt ieder zijn bed op. Lift naar de 22ste. Lekker warm bad,
glaasje wodka met ijs uit de koelkast, sigaartje, slapen...
Moskou revisited. De volgende dag staat voor de bezichtiging van Moskou zo'n beetje
hetzelfde rondje bezienswaardigheden gepland als gisteren, alleen nu met een andere gids;
Jana. In eerste instantie leek het even saai om weer hetzelfde te doen, maar bij nader
inzien is het best leuk om alles nog eens op ons gemak te bekijken. Zo dringt alles dieper
tot je door, zo lijkt het, en bovendien zie je toch weer net andere dingen. Bovendien
vertelt de gids weer andere wetenswaardigheden. Inflatie gaat trouwens snel want vandaag
betalen we voor de metro 500 roebel meer dan gisteren. Jana verontschuldigt zich voor het
'ongemak'. Goed beschouwd natuurlijk nog steeds goedkoop openbaar vervoer want voor 65
cent kun je onbeperkt metro-ën.
Elk station heeft zijn eigen toepasselijke naam gekregen, genoemd naar de aldaar boven
de grond liggende gebouwen of gebeurtenissen die zich ter plekke hebben afgespeeld.
Bijvoorbeeld: station Tourgenevskaya Bulvar (hier ligt de gelijknamige bibliotheek genoemd
naar Tourgenev, geopend en voor het eerst voor iedereen
toegankelijk gesteld in 1885), Revolution Square (omdat het gelijknamige plein erboven
ligt), Kiewskaya (omdat de metro hier richting Kiew loopt). De eerste metrolijn, de
noordoost/zuid west verbinding, is gebouwd in de begin jaren dertig. De aanleg van
verbindingen is sindsdien altijd doorgegaan. Ook nu nog worden er ondergrondse stations
bijgebouwd waardoor er inmiddels een ingewikkeld netwerk is ontstaan. De laatste jaren
wordt er vooral gewerkt aan uitbreiding naar de buitenwijken toe, want Moskou strekt zich
nog steeds gestaag uit. Eigenlijk bestaan de metrostations alleen maar uit marmer. Naast
wat andere gebruikte materialen was dit samen met arbeidsuren van werklui het best
voorhanden. Je ziet allerlei kleuren marmer dat afkomstig is uit de omgeving van Moskou,
de Oekraïne en... tempels. Toen tijdens de Russische Revolutie de partizanen vele tempels
verwoest hadden restte de overheid niets anders dan de overblijfselen te gebruiken voor de
opbouw van de metro-haltes. Nationaal beroemde architekten gaven hun inzicht en ontwierpen
haltes. Gevolg is een indrukwekkend stelsel van metrohaltes. Jana leidt ons door een lange
gang en enkele trappen weer naar buiten. Na een paar honderd meter lopen we net als
gisteren weer wezenloos over het Rode Plein. Zo indrukwekkend en groot is het plein met
aan elke zijde imposante gebouwen. Zoals het warenhuis Goem (of Gum). Hier kan het Engelse
Harrods, het Franse La Fayette nog niet half aan tippen: niet in grootte, niet in
ambiance. Het immense langgerekte gebouw strekt uit over de gehele lengte van het plein en
telt twee verdiepingen. Een meesterwerk in ontwerp van buiten, maar vooral ook van binnen.
'Venetiaanse' bruggetjes verbinden winkelgalerijen met elkaar, strakke stuck-zuilen en
mooie bewerkte plafonds roepen een nostalgische sfeer op. Dit stel je je voor bij een
indrukwekkend Russisch gebouw van eind vorige eeuw. Bovendien is het overal erg licht
binnen vanwege de gietijzeren ramenconstructie in de vorm van een boog. Hier winkelt geen
autochtoon. Tot tien a twintig jaar geleden werden er hier lokale en nationale produkten
aangeboden en kocht de gemiddelde Rus hier nog wel eens een gebakje, een afwasborstel of
de nieuwste in Rusland gefabriceerde tafellakens. Nu is Goem een heus Westers winkelhuis
geworden, waar vooral west Europese produkten verkocht worden, met idem dito
prijskaartjes. Onbetaalbaar voor de Rus en zelfs duur voor ons...
Aan de andere kant van het Rode Plein (in de Russische cultuur staat rood voor mooi)
bevindt zich het in roodbruin met zwart gecombineerde marmer opgetrokken Lenin-mausoleum.
Elke dag opnieuw staan hier duizenden geduldigen in een lange rij om het gebalsemde
lichaam van Lenin te zien. Het graf is echter gesloten op dinsdag en vrijdag, wat betekent
dat er geen bezichtiging in zit voor ons, helaas. Links en rechts van het Lenin-graf zijn
in dezelfde stemmige kleuren marmeren zitplaatsen gemaakt voor de hoge functionarissen als
de parade over het Rode Plein gaat. Jana's vader is professor, inmiddels gepensioneerd,
maar nam ooit Jana op de schouders mee. Dit maakte natuurlijk een enorme indruk op haar.
Later hoorde ze dat als ie weigerde om bij zo'n parade aanwezig te zijn, hij uit zijn
functie zou worden ontheven.
De Kremlin verkeersregels. Aan de kopse
kant van het rechthoekige plein bevindt zich de Vassili-kathedraal. Aan de andere kant van
het Rode Plein, naast het historisch museum, bevindt zich een veel kleinere kathedraal,
opgetrokken uit gepleisterde roze muren. Dit religieuze gebouw is lager en breder, de doms
zijn van goud en heeft de uitstraling van een lief sprookjeskasteel. Jana vertelt dat er
toen zij klein was, om de kathedraal een enorme muur stond. Stalin had namelijk een hekel
aan het ding en degradeerde het tot opslagplaats. De Moskovieten wisten niet beter dan dat
er niks bijzonders achter de muur te vinden was. Toen de muur echter weggehaald werd, was
iedereen aangenaam verrast door de schoonheid van deze kleine kathedraal. Sober van
binnen, verontschuldigt Jana zich, leeggeroofd door de Bolsjewieken. Het verhaal gaat ook
dat wanneer je een minuut in het middelpunt doorbrengt, je een jaar gezondheid krijgt. Dat
zullen we eens gaan proberen. Eenmaal binnen krijgen we niet de kans voor een minuut rust
in het middelpunt. Vele gelovigen krioelen door elkaar heen, maken kruistekens bij
religieuze afbeeldingen, ontbranden kaarsjes in de daarvoor bestemde gietijzeren
standaards. Bovendien staat er een lange rij wachtende vrouwen met hoofddoekjes bij het
winkeltje naast de ingang. Ogen krijgen geen rust om al het moois hierbinnen waar te
nemen: elke hoek van de kathedraal is versierd met monumentale kunstschatten, fraaie
fresco's en iconen bedekken elke centimeter, tot aan de nok toe.
Tijd voor de volgende high light: het Kremlin. Van oudsher is het Kremlin (citadel of
vesting) bedoeld om de stad te behoeden voor indringers. Daarom zijn er ook, in
tegenstelling tot wat veel mensen denken veel meer steden behalve Moskou die zo'n Kremlin
hebben. Er waren vroeger zo'n zestig steden met een Kremlin. Daarvan zijn er nu nog
een flink aantal goed bewaard gebleven. Erg in het oog springend is het aan het Rode Plein
grenzende felgele drie verdiepingen tellende gebouw. Hier bevindt zich de werkruimte van
de ministerraad en is niet zomaar te bezoeken. Wel toegankelijk zijn de vele kathedralen
en paleizen die de verschillende tsaren hebben laten bouwen. Een toegangskaartje kost 2000
roebel (ongeveer 6 gulden) en eventuele bagage moet je buiten de vestigingsmuren in
bewaring geven. Via de Troitskiej-brug kom je binnen en volg je de uitgestippelde route
die toeristen 'mogen' lopen: volg de gele lijn. Als je niet oplet of even afwijkt van de
weg wordt je geconfronteerd met strenge Russische regels. Eén stap op de verkeerde plaats
en een strenge soldaat wijst de dwaler (meestal een toerist die zich positioneert om een
mooie foto te schieten) met een fluitsignaal op zijn misstap. Ineens is me dat vele
gefluit duidelijk, 'trottoir-rebellen' worden regelmatig tot de orde geroepen. Helaas
dwingt de tijd ons om een keuze te maken uit een van de vele indrukwekkende gebouwen die
hier staan, van buiten allen even mooi en van binnen ieder met hun eigen karakter. Het
meest in het oog springt de Oespenski-kathedraal (Kathedraal van Maria Hemelvaart).
Gebouwd aan het eind van de vijftiende eeuw; wit stukwerk, uiteraard gouden uien of doms.
Eenmaal binnen (fl. 5,- p.p. met studentenkaart, fl 10,- voor niet studenten) blijkt dat
het gebouw van buiten impos anter is dan het van binnen oogt. Maar de
kunst die je hier ziet overtreft ieders verwachting; vele oude fresco's en iconen vanaf de
veertiende eeuw. Koop een boekje voor de herinnering thuis, want foto's maken is verboden.
Eén klik met je camera en een prototype Russin (hoofddoek, bloemenjurk, gezellige omvang)
maant je tot het overigens nergens aangekondigde verbod tot fotograferen. 'This is
Russia': strenge regels, maar nergens vermeld.
Het overgrote deel van onze groep gaat naar het hotel terug: opmaken voor de reis der
reizen: de Rossija, oftewel de Trans Siberië Express. Een deel van de groep besluit om de
resterende tijd te benutten om nog naar een klooster te gaan en het daarbij liggende
kerkhof waar vele grootheden vereeuwigd liggen. Elk graf heeft hier zijn eigen verhaal:
ontwerpers en architecten hebben veel moeite gedaan van elk individu de persoonlijkheid
tijdens het leven ook na hun dood mee te geven. Zo ligt bijvoorbeeld de grafsteen van de
tweede vrouw van Stalin een halve meter onder de grond zodat iedereen die haar steen wil
aanschouwen, voor haar zal moeten buigen... Een beroemd goochelaar waarvan de grafsteen op
afstand ogenschijnlijk zweeft, blijkt eenmaal dichterbij gekomen in de stam van een er
naast staande boom te zijn ingegroeid.
Door naar deel 2 van dit reisverslag: Vertrek
Trans Siberië Express
Terug naar de index van dit reisverslag
|